Works by Tine Cool 1887-1944

Tine Cool - officially Catharina Alida Cool (Rotterdam 29-8-1887 - Deventer 3-7-1944) - was a designer of gardens and writer. Daughter of painter Thomas Cool (1851-1904).

ca 1925

Books

2011, "The five of us in Rome", first English translation of "Wij met ons vijven in Rome".
(a) Recensie door Jan van Zijverden, Historisch tijdschrift Fryslân, jaargang 17, nr. 1 (januari 2012), www.historischtijdschriftfryslan.nl
(b) Marcus van der Heide, "Tine Cool, schrijfster van een meisjesboek van cultuurhistorische betekenis", Tussen Vecht en Eem (TVE), Jaargang 31, December 2013 

1928, "Wij met ons vijven in Rome", ("The five of us in Rome") Van Holkema & Warendorf, Amsterdam. First prize for books for girls, from a jury of Anna van Gogh-Kaulbach, Top (Van Rhijn) Naeff en J.P. Zoomers-Vermeer. This is the competition, this is the letter to Tine that she got elected, these are letters by JP-ZV and TN

 

1928, "Bloemen-mythen en legenden: hoe de menschen in vroeger tijden de bloemen, de boomen en al het kruid in direct contact met hun leven zagen", ("Flower-myths and legends: how people in old times saw flowers, trees and herbs in direct contact with their lives") Kosmos, Amsterdam. Met een bijdrage van Bernard Essers.

1940, "Dichters over Bloemen. Een bundel, samengesteld door Tine Cool", ("Poets about flowers. Collected by Tine Cool") In den Toren, Naarden. (Torenreeks 12) A collection of poems by Ida Gerhardt, Willem de Mérode, Jan Prins, Jacques Perk, Willem Kloos, Noto Soeroto, Frederik van Eeden, Hélène Swarth, Willem Bilderdijk, Aart van der Leeuw, Margot Vos.

1942, "Frank, de plantenzoeker", ("Frank, the plantseeker") written with Paul Meinecke, Nederlandsche Keurboeker, Amsterdam.

 

Gardens

Carla Oldenburger (see also Cascade) provided me with these findings:

She and her work are discussed in Chapter 5, p 102-177 by Eric Blok (1993, 1999), "Nederlandse Tuinarchitectuur 1850 – 1940 deel III Jongere Tuinkunst 1900 – 1940 tuinen van K.P.C. de Bazel, K.C. van Nes, G. Bleeker, C.A. Cool en J.P. Fokker", published by Nederlandse Tuinen Stichting. A 30 MB PDF is available in Wageningen Library. This study was also supervised by Oldenburger. Photographs in the book are available at WUR. See also the dept. "Speciale Collecties" (in the past managed by Oldenburger) and magazines "Buiten" en "Onze Tuinen".

A discussion is by Gerritjan Deunk, "Tine Cool, schrijfster en tuinarchitecte", Winter 2010, in the journal "Onze Eigen Tuin", reproduced here with kind permission of its writer and the editors of the journal.
 


She was involved in the founding of the "Bond van Nederlandse Tuinkunstenaars" (BNT) (Union of Dutch Garden Architects), 1923, on the left. (The original photograph is at Wageningen UR, afdeling Speciale Collecties.) She was not a member of the board but made notes. Carla Oldenburger informs me that Tine was not on the list of members in 1923 but at least in 1940.

Tine Cool (1933), "Levende tuinen" (Living gardens), Bouwkundig Weekblad

There are various gardens in Bussum and a notable one in Amsterdam in the "Samenwerking" (where her initials are misspelled W.A. instead of C.A.).

Blok: "Garden architects called her more a writer than a garden architect, though she always presented herself as a garden architect." (p104). Perhaps the design of gardens was still a man's world.

Carla Oldenburger put some comments in the Cascade weblog.

Villa Strohl-Fern

See this book by Giovanna Caterina de Feo (2010) on Alfred Wilhelm Strohl-Fern and the list of artists who worked at the Villa at one point in their life.

During 1892-1896 the painter's family lived in Villa Strohl-Fern in Rome. Tine's 1928 book is a tribute to that time. Recent tourism information about the villa, though it is not clear that it was as well developed in 1890 as later: "This villa was built between 1879 and the end of the nineteenth century by the Alsatian nobleman Alfred Wilhelm Strohl, who was exiled from his homeland after the Franco-Prussian war [and who added "Fern" to his name to express that / TC]. Little is known of his involvement in the construction of the villa, but he probably was directly responsible for the layout of the large, well-structured Park, as this was planned with the particular aim of creating a universe within itself, and is a rare example in Rome of a romantic garden. The entrance is flanked by false stalactites and water spouts, and the Neogothic buildings and elegant, two-storey chalets are reminiscent of nineteenth-century German style. Everything is set in a park with attractive views and archaeological finds laid out along the avenues. The park also boasts artificial “natural” features such as cement trees, fountains adorned with stalactites, fish pools, false grottoes (and real ones), covered bridges between sections of land at different levels, and an artificial lake with a cement boat on its bank. The villa became a refuge for Italian and foreign artists, who lived in the studies Strohl built: the one used by Francesco Trombadori has been conserved. On Strohl Fern’s death, he left explicit instructions that the property pass to the French State. Since 1957 it has been the home of the René Chateaubriand school. The entrance to the villa is in viale Madama Letizia (Villa Borghese)." Currently there is an Associazione Amici di Villa Strohl-Fern.


About 1894, Villa Strohl-Fern, Tine (girl on the right), her parents, elder sister and the two German artists.


1919. Tine's mother (Berber Cool - Kylstra, on the left) might tell about the stay in Rome and refreshes Tine's memory and fills in gaps.

Discussion in Dutch

Het boek over mythen en legenden van boeken is recentelijk blijkbaar met plezier aangehaald.

In "Het Geheugen van Nederland" staat "Wij met ons vijven in Rome" blijkbaar al helemaal digitaal beschikbaar maar er zijn ook nog exemplaren te krijgen bij boekwinkeltjes.nl. Er zijn ook verschillende uitgaven: het grotere origineel met foto’s van Rome en een verkorte en verkleinde TipTop uitgave met alleen tekeningen, ondermeer van haar vader die het Colosseum schildert – "Wat waren zijn ogen groot, wat ging er een bezieling van hem uit". 

Er is een bespreking door Bea Ros (2003), "Een bekroning uit 1928. Een reis naar Rome". Blz. 49-58, LITERATUUR ZONDER LEEFTIJD, tijdschrift voor de studie van kinder- en jeugdliteratuur. ISSN 0929-8274, Jaargang 17, nummer 60, Thema: Jubileumnummer: Van 'Documentatieblad kinder- en jeugdliteratuur 'tot 'Literatuur zonder leeftijd'. 

Schrijvers dezes heeft geen zicht op het denken van meiden en de psychologie bij meisjesboeken maar bij lezing kon ik me een "feel good movie" voorstellen. Stel je voor, Rome in 1890. Bij de keuze tussen de kunst en de terugkeer naar Friesland wegens die ziekte van de lieve dochter laat de spanning zich proeven. 

"Het bekroonde boek voor meisjes, "Wij, met ons vijven, in Rome" (1928) van de tuinarchitecte Tine Cool heeft minder indruk gemaakt. De opdracht voor in het boek ‘aan den kleinkinderen van den kunstschilder Thomas Cool (=de vader van Tine)’ wijst op autobiografische bronnen. Het verhaal beschrijft hoe een moeder met haar kinderen naar Rome reist om zich daar bij haar man te voegen. Het leven in een kunstenaarskolonie, in een vreemd land, zonder geld en in een ander klimaat, levert de nodige spanningen op. Beschrijvingen over kunst en gebouwen staan naast huiselijke zorgen over vlooien, een akelige huisbaas en een ziek kind. Het slot van het liedje is dat de familie in zijn geheel terugreist naar Nederland waar vader zijn schetsen zal gaan uitwerken. ‘De sfeer van een gelukkig gezinsleven tintelt door heel dit werk en doet ons warm aan... Naast veel genot wordt hier ook nog heel wat kennis aangebracht. Warm aanbevolen!’ aldus Het Schoolblad. Maar het zou het enige meisjesboek blijven dat Tine Cool schreef." (Citaat DBNL.) 

Fotographs

See Tine's book p118-119 and the photograph there. It is not known when the photograph was taken. To the left is Tine and to the right is Dien. The busts were made around 1893 in Villa Strohl-Fern when the girls were posing at the same time. Tine is made by Wilhelm Kumm (1861 - 1938+?) from Hamburg, and Dien by another German sculptor, in all likelihood Paul Peterich (1864-1937). See this discussion. It is not known whether the busts are still in existence. Apparently above busts were made in plaster, and only Tinchen has been transformed into marble, while Dinchen might have been lost with the eventual death of Peterich. At Dien's 14th birthday, TC1851 made a small booklet with drawings of her life, and this is a drawing of the posing for the statues. (He concentrated on buildings, so his drawings of people wasn't well-practiced.)


"Tinchen", by Wilhelm Kumm, in 1898, after a visit to the family in 1897 (photograph August 2010).
 


Photograph cut from a magazine, unknown source.

The painter's family around 1900, left to right: Tine, mother Berber Kijlstra (1856-1934), sister Gerardina (1884 – 1911), father Thomas Cool (1851-1904), brother Gerrit Cool (1889-1951). 


The Cool family in The Hague 1923: adults Tine, her brother Gerrit, his wife Berdien, and three of the children that she dedicated the book to: Adi, Thom and Wout. 


Bussum around 1933. Tine and two nephews Thomas (1921) (left) and Wouter (1923), two of the four grandchildren of the painter who she dedicated the book "Wij met ons vijven in Rome" to.


The Hague, July 1943 at the wedding of nephew Thomas (1921)

A letter

When in Rome, the family frequented the Pier Pander household and mother Kijlstra was befriended with Clara de Kanter, the nurse and caretaker of Pier Pander; they were both daughters of protestant ministers. De Kanter plays an important role in the book by Marcel Broersma, "Pier Pander, 1864-1919. Zoektocht naar zuiverheid". See p66 where Pander is depicted also with a family with children. The faces of the parents are difficult to judge in this resolution and they do not seem to match with the painter's family. That family was there between March 1892 and October 1896, so it is not impossible .., with the Gerrit 3 years in mother's lap and Tine 4,5 years, and Dien 8 years possibly with the photographer behind the camera or sick at home ? Anyway, when "Wij met ons vijven in Rome" was published, De Kanter wrote this letter to Tine Cool (November 18, 1928) (and apparently they had been out of touch):
 "Lieve Tine Cool,
 Eenige weken geleden vroeg m'n nicht De Kanter, die in Amsterdam woont in de Joh. Verhulststraat, of zij mij een boek ter lezing mocht zenden: "Met z'n vijven in Rome" van Tine Cool, en hoe vriendelijk of ik dat aanbod vond, antwoordde ik dadelijk: "Ik vind het lief van je, maar ik koop het dadelijk zelf, want ik wist niet dat het bestond en ik heb haar als lief klein meisje goed gekend" en nu ik het tweemaal heb gelezen, wil ik je meteen zeggen, dat ik toen ik het bestelde, niets van je bekroning wist en je daarmee hartelijk geluk wensch en er mij hartelijk in verheug, vooral ook voor je Moeder, die er wel trotsch op zal zijn, dat jij de uitverkoren schrijfster zijt. Och! wat kwam mij bij de lezing, alles van jaren her, weer voor de geest. Ik zag de villa Strohlfern weer duidelijk voor mij en ook je Vader, Moeder en de drie kinderen kon ik mij weer goed voorstellen. Je Moeder, die met succes examens had gedaan bewonderde ik altijd, óók, omdat zij zich in dien tijd vol opoffering, toch zoo bewonderingswaardig heeft gehouden en den moed er in hield; ook weet ik nog goed, dat zij vrijdag 's middags altijd bij ons kwam en haar wedervaren van de laatste week vertelde; ik ging vrijdag dan ook nooit uit 's middags. Van de drie kinders, herinner ik mij Tine 't best, want ook wat was je lief en vrolijk; altijd heb ik onthouden, dat toen Pier Pander op villa Strolhfern logeerde, terwijl ik een paar weken in Holland was en quasi krijgertje met je drie speelde nog wel in zijn rolstoel in de tuin en jou bijna gevangen had, jij op eens terug kwam loopen en zoo lief zei: " (ik hoor het nog) "Mijnheer Pander, hier ligt een steen, wees voorzichtig daar zou je over kunnen vallen" -
 Ook hij vond dat ook zoo schattig van je, en als ik in de Groene, je naam zag onder die stukjes, moest ik daar altijd aan denken en moet ik je dat nu nog eens vertellen.
 Je vader, Idealist als hij was en daarom ook voor ons zoo sympathiek, is ook in je boek zoo goed weergegeven en herinnerde ik mij ook nog, de vertelling van je Moeder over jullie ontbijt met die geitenmelk, waar ge niet dol op waart. Hoe lief was het toch van je Moeder om altijd alle mogelijke bezwaren te overzien, als zij er je vader maar pleizier mee deed- heel veel vrouwen zouden niet zoo lief en energiek gebleven zijn-.
 Waar is toch het werk van uw Vader gebleven?  Zeker nog wel veel in de villa waar ge woont? en dan zou ik ook zoo graag eens hooren, hoe of het je Moeder gaat? Is de Rheuma niet erger geworden?
 En woont je broer die getrouwd is en kinders heeft in jullie buurt? zoo dat ge zijn kinders en hem ook dikwijls kunt zien?
 Komt ge nooit eens in Den Haag? of in de buurt? Als 't soms gebeurt, zeg 't mij dan vast eens en kom dan bij mij nog eens koffie of thee drinken of blijf eten, ik ben al wel heel oud hoor meisje ! Maar kan gelukkig nog goed zien en hooren en 't mooie Bosch genieten, waar ik op kijk (Bezuidenhout 142) en veel in wandel ook.
 Ik heb altijd bloemen en planten in de kamer, dus dan zoudt ge mij nog eens goeden raad kunnen geven ook. Ik zou 't prettig vinden ook hoor meisje! Met veel groeten ook voor je Moeder,
 juffrouw Clara De Kanter."
 Return to former page.