Brief aan wetenschappers. Meer over Roodenburg. Terug naar de crisis 2007+



 

Het gif, mensen, het gif

Thomas Colignatus
23 juni 2012

Naar aanleiding van deze brief aan wetenschappers over het boek van Joost Niemöller "Het Immigratietaboe" (2012) heb ik met bezwaard gemoed maar een exemplaar aangeschaft. Zo werkt dat immers. Ook al weet je reeds dat je er tegen bent, ook al weet je reeds waarom, en ook al heb je reeds geadviseerd het boek maar uit de handel te nemen, dan toch is het soms nuttig een puntje op de i te zetten.

Het boek van Joost is zo erg als ik al vreesde en kan beter uit de handel worden genomen. Het is het gif, mensen. Het gif, waardoor ook aanvankelijk nette mensen en ogenschijnlijk nog steeds nette mensen gecorrumpeerd worden en redeneringen gaan volgen die tot immorele conclusies leiden. Waardoor een samenleving verziekt raakt. Tot het bot verziekt waaruit nauwelijks redding mogelijk is. Het enige wat hier kan redden is intellectuele integriteit, te beginnen met de wetenschappelijke integriteit. Heb meelij met de landen op de Balkan die weinig intellectuele traditie hebben, heb meelij met Europa in 1918-1945 waarin onze intellectuele traditie te zwak bleek.

Dr. Jan van de Beek: "Met de crisis van de jaren zeventig en tachtig raakten heel veel laag geschoolden werkloos. En vooral ook erg veel gastarbeiders. Toen bleek: wat goed is voor de bazen, is niet per se goed voor Nederland. Want de kosten van de werkloze gastarbeiders werden op de sociale zekerheid afgewenteld. En dat zou uiteindelijk om veel meer geld gaan dan die paar miljard die de bazen hadden verdiend aan gastarbeid." (p52)

Ziet u de kronkel in de redenering ? Nederland zet een dom stelsel van sociale zekerheid op. Een stelsel dat uitgaat van werkloosheid. Die vreemde keuze wordt plotseling op het bordje van de immigratie gelegd. De kosten van immigratie worden opgeblazen tot immense proporties met een redenering die niet deugt. Want de juiste redenering is als volgt: Volledige werkgelegenheid en mensen aan het werk houden is altijd goedkoper dan werkloosheid. Zie mijn analyse hoe dat kan: D&S voor het algemene publiek, DRGTPE voor collega economen, of begin te lezen over het belastingvacuüm.

Van de Beek is geen econoom maar wiskundige en antropoloog. Maar wordt hij gecorrigeerd door economen ? Neen. Want die lezen mijn werk niet.

Iemand die vooral mijn werk niet leest is mijn afdelingshoofd op het Centraal Planbureau, Hans Roodenburg. 

Ik heb afgelopen mei al geschreven (zie bovenaangehaalde brief) dat Nederland nu kennis maakt met diens suggestieve taalgebruik, zoals ik daar reeds last van had toen hij bij CPB directie en rechtbank mijn functioneren verkeerd begon voor te stellen. Hoe dit precies zit is mij onduidelijk en een parlementaire enquête kan verduidelijking brengen. De directie zat blijkbaar ook niet te wachten op mijn analyse dat de werkloosheid oplosbaar was, zie de brieven hier, dus wellicht heeft Roodenburg die druk of verleiding niet weten weerstaan ?

Niemöller noemt Roodenburg econometrist maar diens cv toont hem econoom, en ik maak daar een punt van omdat hij een wiskundig-economisch paper van me over input-output analyse niet kon volgen, zodat hij me stuurde naar een collega die er na enig overleg verder geen moeite mee had. Ik geef Jan van de Beek met alle plezier inzage in dat paper en de aantekeningen van Roodenburg. (Interne notitie 1990: "Different input-output matrices for different output categories (in the context of aggregation)", CPB III/90/15.)

Hoe dan ook, Roodenburg kreeg zijn bul van van Jan Tinbergen, en Niemöller noteert: 

"Maar het engagement van Tinbergen is Roodenburg vreemd: "Het vak dat hij gaf toen ik les van hem had, was ontwikkelingsprogrammering. Daar ging het mij niet om. Tinbergen heeft later, in de jaren negentig, nog iets in de NRC geschreven over de relatie tussen immigratie en ontwikkelingshulp. De teneur daarvan was: de ontwikkelingshulp moeten we op peil houden, want op die manier kunnen we de immigratiestroom tot aanvaardbare proporties terugbrengen." Roodenburg denkt daar zelf duidelijk anders over: "De ontwikkelingshulp zou dan effectief moeten zijn, en het begint er steeds meer naar uit te zien dat dat niet het geval is. En zelfs als het effectief is, kun je je nog afvragen of de migratie naar het Westen er echt door beperkt wordt. Want als door de succesvolle ontwikkeling van een land het welvaartsniveau een beetje gaat stijgen, zullen de mensen die net boven het bestaansminimum uitkomen genoeg geld hebben om een reisagent te betalen. Niet voor niets worden de asielzoekerscentra hier bevolkt door mensen uit de middenklasse van die landen." (p33-34).

Zie hier hoe Roodenburg over de schreef gaat, en hoe het gif ontstaat en zich verspreidt:

  1. Tinbergen had een omvattende analyse en niet alleen dat alles afhing van ontwikkelingshulp.
  2. Zie mijn opstel, 20 juli 1981. Ik zond het toendertijd aan Tinbergen en in een telefoongesprek zei hij dat het niet onmogelijk was dat ik hier gelijk had. Hij was zich lang en breed bewust van problemen dus het is niet juist, zoals Roodenburg, dit te simpel voor te stellen. Zie mijn In memoriam Jan Tinbergen. PM. Van Jan Pronk ontving ik helaas geen reactie. In de PDF is een kritische brief van Louis Emmerij opgenomen. Het artikel werd helaas afgewezen door S&D (het blad van de WBS) en Internationale Spectator. In mijn analyse was de ontwikkelingssamenwerking overigens minder relevant en lag de crux bij de werkloosheid, zie ook pagina 7 van A logic of exceptions, hetgeen verklaart dat werkloosheid in het centrum van mijn aandacht kwam. 
  3. Ja, Tinbergen legde die link tussen immigratie en ontwikkeling, en zulke hulp. Maar dan moet die hulp wel goed georganiseerd worden. Wanneer Nederland er een puinhoop van maakt wil dat niet zeggen dat je het niet goed kunt doen. 
  4. In a notedop: De oplossing van de werkloosheid wereldwijd is dat elk land een verzorgingsstaat ontwikkelt, zodanig ook dat werklozen inderdaad weer werk kunnen vinden. De crux is dat zo’n verzorgingsstaat dan wel goed gemanaged moet worden, en niet gemangeld moet worden met bureaucratie en dergelijke. Laat Nederland hier het goede voorbeeld geven, maar dat doen we niet.
  5. Het lijkt me niet geheel juist zoals Roodenburg stelt dat ontwikkeling als voornaamste effect zou hebben dat mensen meer geld hebben om hierheen te komen. Wellicht geldt dat voor sommigen. Veel relevanter lijkt mij het effect dat wanneer er in eigen land stabiele en milieu-duurzame economische groei is, dus ieder jaar een beetje erbij, dat mensen geen enkele behoefte hebben om te migreren want liever bij familie en vrienden blijven en in een omgeving die ze kennen. Het lijkt me dat die asielzoekers met economisch motief vooral de achtergrond hebben dat zulke stabiele groei achterwege is. Ik redeneer overigens vanuit een algemeen inzicht, mijn eigen onderwerp is werkloosheid en niet migratie, en ik houd me aanbevolen voor een goede studie. 
Kortom: Roodenburg is er trots op dat hij de bul van Tinbergen heeft gekregen om te koketeren met diens statuur, maar heeft de analyse van Tinbergen niet begrepen, stelt diens degelijke economische analyse voor als misplaatst engagement en idealisme, schept drogredeneringen, gebruikt wederom zulke suggestieve taal, zet anderen zo op het verkeerde been. Het is het gif, mensen, het gif.

Is het vreemd wanneer andere vakgebieden zo twijfels krijgen over economen, die zo ingaan tegen zelfs het gezonde verstand ?

Voor de goede orde: de CPB-kwestie betreft de censuur van de wetenschap door de directie van mijn analyse over de werkloosheid. De kwestie van migratie die ik hier bespreek is een klein aspectje.

Een klein Pro Memorie: Je betaalt ook nog 25 euro voor een dikke pil die alleen al typografisch tot de helft kan worden teruggebracht, maar iemand wil blijkbaar verdienen.

Een belangrijk Pro Memorie:

Het CPB speelt een cruciale rol in de beleidsvoorbereiding. Het is niet vreemd dat er allerlei contacten bestaan:

"De belangstelling voor immigratie kwam bij Roodenburg pas in de jaren negentig. "Ik werkte toen al een jaar of twintig bij het CPB, was daar hooofd van de afdeling arbeid, later van het programma arbeidsmarkt. Mijn interesse werd gewekt door een telefoontje van de econoom Frank Kalshoven, die toen voor Elsevier schreef. Hij vroeg me wat wij eigenlijk wisten over de economische component van immigratie. Ik zei: "Nou, eigenlijk niks." Dat vond hij nogal schokkend.""

Roodenburg kwam bij het CPB in 1976. Circa 20 jaar later is dan rond 1996. In 1995 schreef Frank Kalshoven een artikel in Elsevier over het CPB. Dit leidde tot de onderstaande brief van me aan de redactie en hun antwoord. Mijn conclusies over dit aspect zijn:

  1. Wanneer blijkt dat Kalshoven iets schokkend kan vinden waarom dan niet de CPB-kwestie ?
  2. Kalshoven heeft contacten met CPB-ers, mogelijk ook daar over mij nagevraagd. Hoe dan ook heeft hij alleen eenzijdig informatie, want hij heeft niet met mij gesproken.
  3. De economische crisis stelt mij in het gelijk, maar dat is Kalshoven worst. 
  4. Hier staat mijn diagnose

Een journalist die een klacht krijgt mag adviseren er niets mee te doen.
De onheus ontslagen wetenschappelijk medewerker krijgt geen gehoor van een hoofdredacteur.