Commentaar op het Kort Geding Merkies - PvdA van 2013-11-29

 
Het vonnis in het kort geding, 2013-11-29 Commentaar Thomas Colignatus, 2013-12-05
Instantie: Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak: 29-11-2013
Datum publicatie 29-11-2013 
Zaaknummer: KG ZA 13-1349
Rechtsgebieden: Civiel recht
Bijzondere kenmerken: Kort geding
Vindplaatsen:Rechtspraak.nl 
Zie hier voor een samenvatting. Zie hier een algemene beschrijving in het Engels. De PvdA EP-fractie bestond uit Thijs Berman (vz), Judith Merkies en Emine Bozkurt. Berman kreeg een relatie met een assistente die (daarom) ontslagen moest worden. Over de financien is er het rapport van de Commissie Naleving Gedragscode. Over de casus van Judith Merkies kan ik constateren dat zij verkeerd behandeld wordt, maar over haar politieke positie heb ik verder geen mening. Wellicht is het nuttig nog te wijzen op recente milieukritiek van Henk Daalder om aan te geven dat hier complexe dossiers liggen. 
Inhoudsindicatie:
De voorzieningenrechter heeft vandaag de vorderingen van Europarlementariër Judith Merkies tegen de PvdA en partijvoorzitter Spekman, afgewezen. Merkies had rectificatie geëist van uitlatingen die Spekman deed in het Radioprogramma Tros Kamerbreed en in een e-mail aan de partijleden. Spekman zei daarin dat het partijbestuur Merkies aanrekent dat zij geen prioriteit heeft gegeven aan terugbetaling van een deel de dagvergoedingen van het Europarlement, waartoe zij als inwoonster van Brussel volgens een interne Gedragscode van de PvdA verplicht is, en dat dit een rol heeft gespeeld bij de beslissing haar niet als kandidaat toe te laten voor het lijsttrekkerschap. Merkies vindt de kritiek onterecht, omdat de Commissie Naleving Gedragscode onlangs nog heeft geoordeeld dat zij conform de regels en integer heeft gehandeld. Volgens de rechter neemt dat niet weg dat de handelwijze van Merkies, die als politica een dikkere huid moet hebben dan een ‘gewone’ burger, mag worden bekritiseerd. De partijvoorzitter heeft daarbij geen grenzen overschreden.
De kortzichtigheid van de rechter doet schrikken want, ja, in het maatschappelijk debat moeten politici een dikkere huid hebben, maar van een partijbestuur moet je juist grotere zorgvuldigheid vereisen.

Het zou goed zijn geweest wanneer de rechter dan ook het vonnis liet zien wanneer Merkies geen politica was geweest. Wanneer Spekman dan wel terecht was gewezen, dan was tenminste duidelijk geworden dat hij de integriteit van Merkies alleen te grabbel mocht gooien omdat zij politica is.

Uitspraak Commentaar
vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel

zaaknummer / rolnummer: C/13/553144 / KG ZA 13-1349 SP/MB

Vonnis in kort geding van 29 november 2013
in de zaak van

[eiseres],
wonende te [woonplaats eiseres], [woonplaats eiseres],
eiseres bij dagvaarding van 7 november 2013,
advocaat mr. S.F. Kalff te Amsterdam,

tegen

de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid
1. PARTIJ VAN DE ARBEID,
gevestigd te Amsterdam,
2.[gedaagde 2][gedaagde 2],
wonende te[woonplaats 2],
gedaagden,
advocaat mr. J.P. van den Brink te Amsterdam.

De belangrijke punten hieronder worden aangegeven met (nummer).
1 De procedure

Ter terechtzitting van 15 november 2013 heeft eiseres, hierna [eiseres], gesteld en gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding, met dien verstande dat zij haar eis heeft gewijzigd overeenkomstig de eveneens in fotokopie aan dit vonnis gehechte akte. Gedaagden, hierna gezamenlijk [gedaagde 2] en afzonderlijk de PvdA en [gedaagde 2], hebben verweer gevoegd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorzieningen. Beide partijen hebben producties en een pleitnota in het geding gebracht.

[eiseres] heeft verzocht (een deel van) de zitting met gesloten deuren te doen plaats vinden in verband met het karakter van de zaak en omdat vertrouwelijke stukken als productie zijn overgelegd, maar dat verzoek is afgewezen, omdat een grond als bedoeld in artikel 27 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) voor een behandeling buiten de openbaarheid zich naar het oordeel van de voorzieningenrechter in dit geval niet voordeed.
Na verder debat hebben partijen verzocht vonnis te wijzen.

Ter zitting waren aanwezig: 

aan de zijde van [eiseres]: [eiseres], mr. Kalff en zijn kantoorgenoot mr. M.J. Resink;

aan de zijde van [gedaagde 2]: [naam 1], [naam 2], [naam 3] en 

mr. Van den Brink.

Het is jammer dat dagvaarding, pleitnota's en onderliggende rapporten zoals van Adviescommissie Kandidaatstelling en de Beroepscommissie niet beschikbaar zijn.

Er is een verschil tussen een rechter die oordeelt over de voorgelegde stukken en een onderzoeksrechter die beslag op stukken kan leggen en mensen aan een kruisverhoor kan onderwerpen. Hieronder ontkent Spekman bijvoorbeeld dat hij schoonschip in de EP-fractie wilde maken: het zou mooi zijn wanneer daarop ook de notulen van het Partijbestuur nagekeken kunnen worden e.d.

2 De feiten

2.1. De PvdA is een (politieke) vereniging met volledige rechtsbevoegdheid. [gedaagde 2] is voorzitter van (het verenigingsbestuur van) de PvdA. 

2.2.[eiseres] is Europarlementslid voor de PvdA voor de mandaatsperiode 

2009-2014. [eiseres] is woonachtig in [woonplaats eiseres]. [eiseres] is in het Europees Parlement gekomen op basis van voorkeursstemmen. 

2.3. De zittingsperiode van [eiseres] eindigt in 2014. Op 22 mei 2014 zijn de eerstvolgende verkiezingen voor het Europees Parlement. Ter voorbereiding op die verkiezingen vinden binnen de PvdA twee selectieprocedures plaats: voor voorzitter/lijsttrekker en voor ‘gewoon’ delegatielid. [eiseres] heeft gesolliciteerd als lijsttrekker. Dat kon tot 1 oktober 2013 bij het partijbestuur, waarna de adviescommissie kandidaatstelling aan het partijbestuur een advies heeft uitgebracht over de mate van geschiktheid van de kandidaten. Op 26 oktober 2013 zou het partijbestuur de lijst met kandidaat-lijsttrekkers bekend maken.

Kandidaten voor een reguliere plaats op de lijst kunnen solliciteren tot 1 december 2013.

2.4. Europarlementariërs ontvangen, naast hun salaris, een aantal vergoedingen van het Europees Parlement, namelijk een algemene vergoeding, een reiskostenvergoeding, een vergoeding voor bijkomende reiskosten, een vergoeding voor personeelskosten en een zogeheten ‘dagvergoeding’ van (forfaitair) € 304,- per dag. De dagvergoeding is bedoeld ter dekking van onkosten (bijvoorbeeld hotelkosten) als men bij een parlementaire activiteit aanwezig is geweest en de presentielijst heeft getekend. 

Pas op met het denken dat "feiten" contextvrij kunnen worden opgevat. Wat hieronder als "feiten" wordt gepresenteerd blijkt ook misinterpretaties te bevatten, en er kunnen ook suggesties van uit gaan. 
2.5. De PvdA heeft een interne gedragscode met betrekking tot genoemde vergoedingen, welke PvdA-politici die Europarlementariër willen worden moeten ondertekenen (hierna de Gedragscode). Artikel 7 van de Gedragscode (van de op 3 februari 2009 door [eiseres] getekende versie) luidt, voor zover hier van belang, als volgt:

“Bovendien verbinden de leden van de PvdA-Eurodelegatie zich tot de volgende aanvullende gedragsregels:

(…) 

c. (…) Wanneer een lid zijn vaste woonplaats in of in de directe omgeving van een zittingsplaats van het Europees Parlement heeft, dan reduceert hij de dagvergoeding voor de werkdagen in die zittingsplaats tot 1/3 van de standaarddagvergoeding, tenzij aantoonbaar extra kosten worden gemaakt; (…)

g. zij publiceren eenmaal per jaar een financieel overzicht van de wijze waarop de algemene onkostenvergoeding is besteed. Aan het eind van de mandaatperiode verantwoorden de leden de wijze waarop een eventueel positief saldo van de post algemene onkostenvergoeding is besteed. (…) 

h. zij maken jaarlijks een rapportage op over de wijze waarop deze code, voorzover die betrekking heeft op de van het Europees Parlement ontvangen vergoedingen voor reiskosten en algemene onkosten, wordt nageleefd en maken deze na beoordeling door een onafhankelijke commissie van deskundigen (de Commissie Naleving Gedragscode) als delegatie openbaar.”

Op 1 oktober 2013 is de tekst van de Gedragscode aangepast en bevat deze (in aanvulling op artikel 5) de verplichting om eventueel teveel ontvangen dagvergoedingen jaarlijks terug te storten op de rekening van het Europees Parlement. 

(1) 

(1a) In 2.5 c staat in de PvdA-regeling: "tenzij aantoonbaar extra kosten worden gemaakt"

In 2.6 maakt de commissie daarvan: "tenzij er aldaar aantoonbaar extra kosten worden gemaakt".

De commissie stelt de regel verkeerd voor. 

Merkies kon wel degelijk vragen of een pied-a-terre in Nederland of een medewerker als extra kosten konden worden opgevoerd. 

Het is redelijk om te proberen geld voor partijwerk te behouden in plaats aan het EP terug te storten. 

(1b) In punt 2.5 g wordt ook gesproken over "aan het eind van de mandaatperiode".
 

(1c) De aanpassing van de Gedragscode in oktober 2013 is veelzeggend: er wordt achteraf een nieuwe regel ingevoerd, waarvan achteraf gezegd wordt dat Merkies zich daaraan had moeten houden. Dat kan natuurlijk niet.

2.6. In (vertrouwelijke) rapportage van de Commissie Naleving Gedragscode van 24 juni 2013 aan de Partijvoorzitter ([gedaagde 2]), staat onder meer het volgende:

“De commissie heeft, als gebruikelijk, begin 2010 de leden van de in 2009 aangetreden delegatie (…) gevraagd te rapporteren hoe de ontvangen algemene onkostenvergoeding is besteed. [eiseres], wier woonplaats [woonplaats eiseres] is, heeft bij haar rapportage de commissie verzocht het volledige bedrag van de dagvergoeding te mogen behouden, in plaats van het afgesproken een derde deel, daar zij van plan was in Nederland een pied à terre te verwerven om van daaruit haar Nederlandse partij- en achterbancontacten te kunnen onderhouden. De commissie heeft hierin niet willen bewilligen. 

Het verslag van de vergadering van de commissie zegt hierover:

“(…) De Commissie neemt met enige verbazing kennis van dit verzoek. Het moet [eiseres] vanaf het moment van de kandidaatstelling, toen zij de gedragscode ondertekende duidelijk geweest zijn dat zij, als inwoonster van [woonplaats eiseres], slechts aanspraak zou mogen maken op een derde van de standaarddagvergoedingen (…) tenzij er aldaar aantoonbaar extra kosten worden gemaakt. De gedragscode is in de ogen van de Commissie geen vrijblijvende afspraak en de aanwending die [eiseres] voorstelt past niet onder de formulering aantoonbare extra kosten.”

De secretaris heeft [eiseres] op de hoogte gesteld van het standpunt van de commissie, waarop zij aangegeven heeft zich te willen beraden. Zo lang er geen antwoord kwam van [eiseres] was de commissie niet in staat de rapportage over 2009 af te ronden. 

Bij de rapportage over 2010 en 2011 heeft [eiseres] de commissie gemeld het standpunt van de commissie te accepteren, maar tegelijkertijd heeft ze de commissie voorgesteld het bedrag dat zij zou dienen terug te storten in de kas van het Europees Parlement aan te wenden voor het aantrekken van een extra medewerker, boven de normale formatie. 

De commissie heeft [eiseres] laten weten dat dit voornemen eveneens op gespannen voet staat met de gedragscode. De beoogde medewerker is niet aangesteld. 

Vervolgens heeft de commissie er herhaaldelijk bij [eiseres] op aangedrongen de commissie informatie te geven over het aantal dagen dat zij te [woonplaats eiseres] het register getekend heeft vanaf haar aantreden in 2009 en over het bedrag dat zij zodoende teveel van het Europees Parlement ontvangen heeft. (…)

November 2012 heeft [eiseres] aan de commissie vier gecertificeerde verklaringen van het parlement verstrekt waarop het totaal aan ontvangen dagvergoedingen aangegeven staat voor respectievelijk 2009, 2010, 2011 en 2012. Het gaat om de volgende bedragen:

2009: € 16.539 

2010: € 44.253

2011: € 53.908

2012 (tot 28 oktober): € 47.576. 

Deze gegevens maakten niet duidelijk om hoeveel dagvergoedingen voor werkdagen in [woonplaats eiseres] het per jaar ging. Vandaar dat de commissie [eiseres] om een nadere specificatie heeft gevraagd. Daarop heeft zij op 27 december 2012 geantwoord dat de diensten van het parlement het te druk hadden om de gevraagde gegevens op korte termijn te leveren, waarop zij de volgende conclusie liet volgen:

“Ik zal de diensten dan ook niet vragen de onderste steen boven te krijgen. De Commissie (…) dient de gegevens zo te beoordelen zoals zij voorliggen, met de kanttekening dat zij niet geheel de werkelijkheid weergeven”.

(…)

Terzijde, maar niet als minder belangrijk, zij opgemerkt dat de leden van de delegatie nooit uit eigen initiatief de jaarlijkse cijfers over de besteding van hun vergoedingen aan de Commissie doen toekomen (…)

Hoogte eventuele terugstorting

De commissie is door het ontbreken van de relevante gegevens niet in staat exact aan te geven voor welk bedrag [eiseres] ten onrechte dagvergoedingen heeft ontvangen op basis van hetgeen in de gedragscode overeengekomen is. (…) 

Toekomst gedragscode

(…) Leden van de huidige en van vorige delegaties hebben aangegeven bij hun kandidaatstelling niet of nauwelijks op de hoogte geweest te zijn van het bestaan en vooral van de reikwijdte van de gedragscode. (…)

Herhalling van (1a). In het vonnis links heb ik met vette letters overgenomen, het staat niet zo in het oorspronkelijke vonnis: "tenzij er aldaar aantoonbaar extra kosten worden gemaakt." 

De commissie geeft de regel aldus verkeerd weer. Dit is hierboven al opgemerkt in punt (1).

De aanwending die [eiseres] voorstelt pas wel degelijk onder de regel. 

Bijv. heeft EP-fractielid Thijs Berman een woonadres in Parijs, en je zou liever zien dat dit toch in Nederland is. 

Het vonnis heeft dus deze omissies: (a) het signaleert niet dat de commissie de regel verkeerd weergeeft, (b) het signaleert niet dat [eiseres] met de voorstellen gelijk had.
 
 
 
 

Het is onduidelijk of de andere leden van de EP-fractie niet soortgelijke problemen hadden met het opgeven van nadere specificaties. Of wellicht dat het inderdaad zo is dat alleen eiseres extra problemen had met het onderscheid naar Brussel en Straatsburg omdat zij de enige was met een woning in Brussel.

Samenvatting

1. De Commissie Naleving Gedragscode (…) heeft bij de jaarlijks beoordeling van de rapportage door [eiseres] over de wijze waarop zij haar dagvergoedingen voor werkzaamheden in [woonplaats eiseres] ‘declareert’ vast moeten stellen dat zij, anders dan de door haar getekende gedragscode verlangt, (nog) geen bedrag heeft teruggestort. (…) Over de periode tot nu toe betreft het een bedrag van € 86.400.”

Herhaling van (1b). In het vonnis heb ik wederom vet gedrukt wat onjuist is. De commissie geeft de Gedragscode verkeerd weer. In de Gedragscode staat niet dat jaarlijks dient te worden teruggestort. Alleen dat een jaarlijks overzicht wordt gegeven. In de Gedragscode staat dat alles geregeld moet zijn aan het eind van de mandaatsperiode.

Het vonnis heeft dus deze omissies: (a) het signaleert niet dat de commissie de regel verkeerd weergeeft, (b) het signaleert niet dat [eiseres] conform de bestaande regel handelde.

2.7. In een verslag van een voortgangsgesprek dat [gedaagde 2] heeft gehouden met [eiseres] op 26 juni 2013 is vermeld dat [gedaagde 2] aan [eiseres] heeft meegedeeld dat het partijbestuur in de opdracht aan de adviescommissie kandidaatstelling heeft vastgelegd dat partijgenoten met een betalingsachterstand niet op de kandidatenlijst zullen worden geplaatst.  Dat kan best. Het betekent niet dat dit iets met integriteit te maken heeft. Merkies kon denken dat zij door zou gaan in een tweede mandaat, zodat zaken eerst verhelderd konden voordat afgerekend werd. Een extra medewerker zou voor de partij handig kunnen zijn voor de komende verkiezingen.
2.8.In een e-mail van 26 juni 2013 heeft [eiseres] aan [gedaagde 2] en aan de ambtelijk secretaris van de Commissie Naleving Gedragscode,[naam 4], het volgende geschreven met betrekking tot de (terugbetaling van de) dagvergoeding:

“Ten aanzien van deze gelden heb ik diverse keren gevraagd op welke wijze ik dit moet terugstorten aan het EP. Per maand/jaar/mandaat? De code zegt hierover niets. Berekend per dag of forfaitair? Ook heb ik de vraag gesteld op welke wijze ik de dagvergoeding kon gebruiken en voor welke toepassingen. Daar het doel van deze gelden een tegemoetkoming in woon-werk-kieskringkosten is, heb ik geïnformeerd of dat dan ook andersom richting Nederland gold. (…) Op geen enkel moment heb ik mij aan de gedragscode onttrokken. Noch om uitzonderingen gevraagd. Dit blijkt ook geen moment uit de correspondentie die ik gearchiveerd op datum graag ter beschikking stel.”

Hieronder komt aan de orde of dat "diverse keren" ook bewezen kan worden met emails. Maar eventueel is het ook mondeling gevraagd.
2.9. Bij brief van 1 juli 2013 heeft [naam 4] in een reactie op de onder 2.8 genoemde e-mail, onder meer het volgende aan [eiseres] bericht:

“Het is juist wat jij stelt dat de gedragscode niet aangeeft op welke wijze jij teveel ontvangen bedragen moet terugstorten aan het Europees parlement. Anders dan jij aangeeft kan de commissie evenwel nergens in onze archieven of in onze correspondentie enige vraag terugvinden hierover. Wel vindt de commissie in onze archieven twee verzoeken van je over een mogelijk andere besteding van de teveel ontvangen bedragen. Je geeft in je mail van 26 juni aan dat je jouw correspondentie graag ter beschikking stelt. De commissie is gaarne bereid de betreffende aanvullingen op het eigen archief, waaruit blijkt dat je vragen hebt gesteld over de wijze van terugbetalen, van je ontvangen. (…)

Klaarblijkelijk beschik je over een berekening van wat je teveel ontvangen hebt. De commissie had die, als gesteld, graag eerder van je ontvangen, maar stelt toezending nu daarvan eveneens op hoge prijs. De commissie geeft je in overweging dit teveel ontvangen bedrag onverwijld aan het Europees Parlement over te maken en om het bewijs van betaling, samen met een berekening van het teveel ontvangene, eveneens direct aan de commissie in handen te stellen.”

2.10. Medio juli 2013 heeft [eiseres] een bedrag van rond de € 84.000,- aan het Europees Parlement terugbetaald. 

(a) Het is jammer dat we op internet niet de beschikking hebben op het aldus volledig gemaakte dossier. 

(b) Maar eventueel is het ook mondeling gevraagd zodat de commissie ten onrechte alleen naar correspondentie verwijst.

(c) Termen als "onverwijld" duiden nog lang niet op problemen rondom de integriteit. Wanneer de mandaatsperiode ten einde loopt en de afrekening gemaakt moet worden, conform de oude regel, en wanneer de partijvoorzitter aangeeft dat dit, als nieuw punt, ook geregeld moet zijn voordat herkandidatuur ter sprake komt, ja, dan moet alles opeens vlug.

2.11. Bij brief van 31 juli 2013 heeft [naam 4] aan [gedaagde 2] onder meer geschreven:

“(…) ontvingen Hans [naam 8] en ik een dik pak van [eiseres] belastingadviseur. (…) Eveneens zaten daarbij de door de diensten van het EP gewaarmerkte uittreksels uit het tekenregister, waarbij opvalt dat er een gewaarmerkt uittreksel bij zit dat gedateerd is van voor de brief die [eiseres] ons vorig jaar zond, waarin ze liet weten niet over deze gegevens te kunnen beschikken, zonder de diensten te moeten vragen de ‘onderste steen boven te moeten halen’ en daartoe niet bereid te zijn. Over deze inconsistentie zal de commissie haar waarschijnlijk graag nadere vragen willen stellen. 

In de begeleidende brief schrijft [eiseres] adviseur dat hij aanneemt dat de teveel ontvangen vergoedingen, inderdaad een bedrag van ruim € 80.000 euro, terugbetaald zijn.”

(2) De "tegenstrijdigheid" in datums van Merkies en de belastingadviseur is niet onmiddellijk een tegenstrijdigheid. Het kan best dat de belastingadviseur iets wist maar nog niet aan Merkies had doorgegeven, of wel had doorgegeven maar dat ze dat nog niet gezien had.

Er worden vragen aangekondigd, maar deze worden niet gesteld, zie onder. Dat is jammer, want hiermee had een mogelijk misverstand opgehelderd kunnen worden.

2.12. In een rapportage van 10 september 2013 van [naam 4] aan [gedaagde 2] staat onder meer:

“Hoewel de Commissie verbaasd blijft over de vele schimmigheden, onduidelijkheden en tegenstrijdigheden in de berichtgeving van [eiseres] heeft de Commissie geconstateerd dat aan de belangrijkste verplichting – het op grond van het bepaalde in de gedragscode terugstorten van het teveel ontvangen bedrag aan dagvergoedingen – is voldaan, en dat het daarom weinig zinvol is nader met haar in gesprek te gaan (…).

(Vervolg 2) Het is juist wel zinvol om nader in gesprek te gaan. Wanneer je meent dat er schimmigheden zijn dan los je die op. Vooral wanneer je als voorzitter over zulke schimmigheden gaat praten met de partijvoorzitter. Bijv. hoeft 2.11 helemaal geen schimmigheid te zijn.

Juist wanneer uit het navolgende blijkt dat zaken in de sfeer van integriteit worden getrokken dan had hier meer zorgvuldigheid moeten worden betracht door het bestuur.

4. Concluderend kan gesteld worden dat [eiseres] voldaan heeft aan de verplichting haar door de gedragscode opgelegd, evenwel nadat zij eerst enige pogingen in het werk heeft gesteld om het teveel ontvangen bedrag voor andere doeleinden te mogen aanwenden en ook pas nadat er vanuit de Commissie en vanuit de partijvoorzitter grote druk op haar is uitgeoefend aan haar verplichting te voldoen. Bovendien moet vastgesteld worden dat zij in plaats van de Commissie heldere informatie te verschaffen de Commissie herhaaldelijk zo heeft geïnformeerd dat de Commissie niet wel in staat was haar controlerende taak op eenvoudige wijze uit te oefenen.” (Vervolg 1b) Hoezo, "grote druk" ? De partijvoorzitter stelt in afwijking van de Gedragscode dat de finale kwijting geregeld moet zijn voorafgaand aan de nieuwe kandidaatstelling. Terwijl het huidige mandaat nog loopt, en de oude regel over het eind van het mandaat spreekt. 

(3) (a) Hoezo meent de Commissie recht op "eenvoudige wijze" te hebben ? 

(b) Hoezo meent men dat hier verwijtbaarheid voor Merkies ligt ? 

(c) Is deze uitspraak in concept aan Merkies voorgelegd, zodat zij de kans kreeg suggesties tot verbetering voor te stellen ? Door er bevoorbeeld op te wijzen dat de commissie de Gedragscode verkeerd weergaf.

2.13.Op 14 oktober 2013 heeft het partijbestuur besloten [eiseres] niet toe te laten tot de procedure voor kandidaat lijsttrekkers voor het Europarlement. Op 15 oktober 2013 is het gemotiveerde besluit daartoe aan [eiseres] toegezonden. [eiseres] heeft op 18 oktober 2013 tegen dit besluit bezwaar aangetekend bij de PvdA-Beroepscommissie. Deze stukken zijn mij onbekend.
2.14.Op 15 oktober 2013 heeft de Commissie Naleving Gedragscode (bestaand uit mevrouw [naam 6] en de heren [naam 7] en [naam 8]) verslag uitgebracht over de periode van 14 juli 2009 tot en met 2012. Daarin is onder meer het volgende vermeld:

“Dagvergoeding

(…)

Eén lid van de PvdA-Eurodelegatie heeft, gedurende genoemde periode, haar vaste woonplaats in de directe omgeving van een zittingsplaats van het Europees Parlement. Een cijferopstelling van de wijze waarop dit lid haar dagvergoeding over de periode van 14 juli 2009 tot en met 2012 heeft gereduceerd gaat hier (…) bij, waaruit blijkt dat dit lid gehandeld heeft volgens de regels.”

In de Conclusie is vermeld:

“De Commissie Naleving Gedragscode is op grond van de door de delegatieleden zelf verstrekte gegevens en informatie en op basis van nadere verklaringen die de Commissie op haar verzoek van de delegatieleden heeft ontvangen van oordeel, dat de leden van de PvdA Eurodelegatie, waar het gaat om de besteding van de algemene onkostenvergoeding en de reductie van de dagvergoedingen integer en in overeenstemming met de afgesproken gedragsregels gehandeld hebben.”

Dit verslag is te vinden op de (Europese) website van de PvdA. 

Die weblocatie is hier.
2.15. In een verweerschrift van de PvdA van 22 oktober 2013 in de onder 2.13 genoemde procedure bij de Beroepscommissie staat onder meer:

“Op 14 oktober heeft [naam 9] de bevindingen en het advies mondeling gedeeld aan het partijbestuur. De adviescommissie kandidaatstelling bracht in haar advies aan het partijbestuur, samengevat, het volgende naar voren dat:

(…)

- De adviescommissie eensgezind is in haar advies dat [eiseres] in onvoldoende mate, nl. waar het de onderlinge samenwerking betreft, voldoet aan de eisen die het partijbestuur stelt in de profielschets en daarom adviseerde om [eiseres] niet toe te laten tot de procedure. 

- De adviescommissie het partijbestuur adviseerde om ‘schoon schip’ te maken ten aanzien van alle zittende delegatieleden.

(4) 

(a) "Schoonschip maken" is een rare overweging.

Iedereen moet weg, ook een goede, omdat iedereen weg moet.

Een rechter dient mensen te beschermen tegen deze politieke lasterlijke krompraat.

Dit komt terug in 4.10 of punt (19) hieronder.

 

- De adviescommissie vindt dat de afdracht van de dagvergoeding conform de Naleving van de Gedragscode zeker niet de schoonheidsprijs verdient, maar dat de perikelen daaromtrent niet alleen aan [eiseres] zijn toe te rekenen.” (4b) Haar is wel iets aan te rekenen ? Wat ? Hoe onderbouwd ? 
2.16. Op 24 oktober 2013 heeft de Beroepscommissie het bezwaar van [eiseres] ongegrond verklaard en geoordeeld dat het partijbestuur in redelijkheid tot de beslissing heeft kunnen komen dat [eiseres] niet voldoet aan het profiel van lijsttrekker en dat zij dus niet als kandidaat-lijsttrekker moet worden toegelaten.  Onduidelijk blijft hoe de Beroepscommissie dit onderbouwd heeft.
2.17. Op 25 oktober 2013 heeft [eiseres] de volgende tekst (voor zover hier van belang) op haar website geplaatst:

“Einde kandidaatstelling als lijsttrekker PvdA Europees parlement.

Het partijbestuur heeft mij laten weten mij niet toe te laten tot de interne ledenraadpleging voor het lijsttrekkerschap van de PvdA bij de Europese verkiezingen.

Doorslaggevend bij de beslissing is de negatieve visie van het partijbestuur op de samenwerking binnen de huidige eurodelegatie. Mij is duidelijk geworden, dat hierachter de uitdrukkelijke wens schuil gaat om schoon schip te maken en te komen met een geheel nieuwe delegatie. (…)

Het mag duidelijk zijn dat ik de beslissing van het partijbestuur ten zeerste betreur. (…)

Binnen de huidige reglementen zijn zulke selectiebesluiten een bevoegdheid van het partijbestuur. Ik zal mij dan ook neerleggen bij deze beslissing. Uiteraard blijf ik voor mijn partij beschikbaar als kandidaat voor een volgende termijn.

Recente mediaberichten rondom de naleving van de interne PvdA gedragscode voor leden van het Europees Parlement hebben niet geleid tot dit besluit van het partijbestuur. Immers, de Commissie Naleving Gedragscode, binnen de PvdA belast met het toezicht op deze door de PvdA vrijwillig opgemaakte regels, heeft reeds in haar verslag en in de toelichting hierop aangegeven dat ik integer en in overeenstemming met de afgesproken gedragsregels heb gehandeld.”

(5) Wanneer er schoonschip wordt gemaakt, is dat laatste natuurlijk niet realistisch.

Haar met deze slechte onderbouwing uitsluiten van de lijsttrekkerverkiezing maakt deze tot een aanfluiting.

Dat zij zich hierbij neerlegt is jammer.

Onduidelijk is of beroep bij het Congres openstaat. 

2.18. Op 25 oktober 2013, iets later op de dag, heeft [gedaagde 2] een e-mail gezonden aan de leden van de PvdA, met een lijst van namen van de kandidaat-lijsttrekkers (waarop [eiseres] niet voorkomt), en onder meer de volgende inhoud:

“Wie die kandidaat is dat bepalen we samen. Van 18 tot en met 26 november kunnen de leden na een intensieve campagne en debatperiode hun stem uitbrengen op een van de vier toegelaten kandidaten. (…)

Helaas heeft het partijbestuur ook het besluit moeten nemen om een kandidaat niet toe te laten tot de procedure. Uit de media heeft u inmiddels kunnen vernemen wie dit betreft: onze huidige Europarlementariër [eiseres]. Vanwege de door haar gekozen wijze van berichtgeving en de vragen die dit oproept wil ik volledige openheid betrachten over de grond van dit besluit en de gevolgde procedure. Een precair proces als dat van kandidaatstelling dient immers boven iedere twijfel verheven te zijn. 

Het partijbestuur heeft bij aanvang van de kandidaatstelling een adviescommissie kandidaatstelling onder leiding van [naam 9] gevraagd de kandidaten voor het lijsttrekkerschap te beoordelen op basis van de profielschets. Is de kandidaat in staat een boegbeeld te zijn voor de partij? Kan hij of zij de bindende rol van het delegatieleiderschap vervullen? Is het een teamplayer die met anderen resultaten boekt voor de partij en haar idealen? Enzovoorts. De adviescommissie onder leiding van [naam 9] heeft op grond van functioneringsgesprekken, rapportages van bemiddeling en eigen gesprekken geconcludeerd dat [eiseres] op het gebied van samenwerking niet voldoet aan de profielschets.

(…)

Voorts is er in het partijbestuur gesproken over de wijze waarop [eiseres] is omgegaan met de dagvergoedingen binnen het Europees Parlement. Het te veel ontvangen bedrag van de 2/3 dagvergoeding is weliswaar teruggestort naar het Europees Parlement, maar het heeft vier jaar geduurd alvorens werd overgegaan tot terugbetaling. Het partijbestuur rekent het [eiseres] aan hoe zij is omgegaan met afspraken waarvoor zij heeft getekend en die de partij van belang vindt.

Op grond van zowel de afweging omtrent het zwaarwegende punt van samenwerking als de discussie over naleving van de gedragscode heeft het partijbestuur op maandag 14 oktober besloten [eiseres] niet toe te laten tot de lijsttrekkersverkiezing. [eiseres] heeft vervolgens gebruik gemaakt van het recht hier beroep tegen aan te tekenen. Op grond van het bezwaar, het verweer van het partijbestuur en een hoorzitting van beide partijen heeft de beroepscommissie op donderdag 24 oktober haar beroep ongegrond verklaard.”

(6) In het vonnis heb ik vet en rood gemaakt wat laster is, met name omdat de verandering van de regels niet genoemd worden en de zaak in de sfeer van de integriteit wordt getrokken.
2.19. Op zaterdagochtend 26 oktober 2013 was [gedaagde 2] te horen in een telefonisch interview in het radioprogramma Tros Kamerbreed, waarbij gesproken werd over de kwestie met de dagvergoedingen van [eiseres]. In het transcript van dat interview staat onder meer:

“Journaliste: (…) Een Commissie uit uw partij die dat heeft onderzocht, concludeert dat dat late terugbetalen niet alleen aan haar ([eiseres], vzr.) te wijten was, en ook dat ze integer en conform de gedragsregels heeft gehandeld. Dat rapport is pas twee weken oud, hoe kan het dat u tot een andere conclusie komt?

[gedaagde 2]: (…) die Commissie zelf heeft er geen prioriteit aan gegeven, en dat is niet goed, maar [eiseres] ook niet. (…) Nou aan de kant van [eiseres], heeft dat een consequentie wat ons betreft. En dat hebben we dus ook bekend gemaakt. Maar ook hebben we besloten als partijbestuur dat we de Commissie dichter bij ons gaan halen, de naleving gedragscode, dat bestuursleden zullen deelnemen in die Commissie en we hebben hem aangescherpt dat je nu ook jaarlijks moet terugbetalen. We hebben er ook een consequentie aan verbonden, Maar het zit, aan allebei de kanten is het inderdaad wat fout gegaan. En ik ben blij dat [eiseres] uiteindelijk heeft betaald, maar we nemen het haar toch kwalijk. Dat ondanks dat ze die handtekening heeft gezet, het vier jaar moest duren voordat ze het deed. (…)

Journaliste:

Toch zegt de Commissie, en dat is de Commissie Naleving gedragscode: “Er was geen tijdige controle, het heeft ook aan ons gelegen”, maar hun conclusie is wel, en ik citeer: “Van twijfel over de juistheid en de volledigheid van de verantwoording, inclusief de dagvergoeding, is geen sprake. Dus wat zei heeft gedaan, klopt volgens de regels die uw Commissie had opgesteld.

[gedaagde 2]:

(…) En die Naleving Gedragscode, (…) ja die heeft het niet goed genoeg gedaan. En [eiseres] heeft het niet goed genoeg gedaan. Allebei geen prioriteit gegeven. En dat nemen we dus allebei kwalijk, en dat heeft zijn consequenties. Voor [eiseres], hoe pijnlijk en vervelend dat ook voor haar is, dat kan ik me best voorstellen, maar ook voor de Commissie Naleving Gedragscode hebben we gezegd ‘we gaan dat aanscherpen, we zorgen dat er bestuursleden inzitten, we gaan jaarlijks rapporteren, en wat dat ook moet weten, misschien moeten we het allebei wat ons betreft beter doen, want de integriteit is een belangrijk onderwerp voor de PvdA. (…)

Nou ja, wat ik haar verwijt is precies wat ook in de verklaring staat, is dat ze laks is geweest, dat er ook in die verklaring van die Commissie staat dat er weinig prioriteit is gegeven aan door en de Commissie en door onder andere [eiseres], en dat nemen we haar kwalijk, omdat als je iets tekent, en je moet er dan ook zelf prioriteit aangeven dat je dat nakomt. En zo hoort het ook. Dat ze het uiteindelijke bedrag betaald heeft, erken ik, herken is, en waarderen we ook als partijbestuur. Dat is ook heel belangrijk.

(…)

(Vervolg 6) Wederom vet en rood gemaakt wat laster is, met name omdat de verandering van de regels niet genoemd worden en de zaak in de sfeer van de integriteit wordt getrokken.
Journaliste:

(…) Nog even naar die verklaring van mevrouw [eiseres] die zij gisteren uitgaf. Ze zei dat het partijbestuur kennelijk schoon schip wil maken, en wil komen met een geheel nieuwe delegatie. Is dat zo?

[gedaagde 2]: Nee, dat zijn ook absoluut nooit mijn woorden geweest. Het ging nu over wie is er kandidaat voor het lijsttrekkerschap. Daar is over een oordeel geveld. Eerst door de adviescommissie, die hebben advies gegeven aan het partijbestuur. En [naam 9] was daar stellig in, dat [eiseres] geen kandidaat zou moeten zijn, en ik deelde dat advies van [naam 9] en met mij het bestuur. ”

Later in het interview, nadat andere incidenten met PvdA-politici aan de orde zijn geweest vraagt de journaliste:

“Maar u heeft het niet meer willen aangaan met opnieuw de reuring misschien over die vergoedingen van [eiseres]. Heeft dat misschien meegespeeld in uw besluit?”

Dit komt terug in 4.10 of punt (19) hieronder.

Er is hier een verschil tussen ontkennen en rechtzetten.

De vraag "Sla je je vrouw nog steeds ?" ontkennen met "Nee" implieert dat je het ooit gedaan hebt. Rechtzetten is: "Daarvan is nooit sprake geweest." 

Spekman ontkent hier en impliceert dat Merkies beweerd heeft wat de journaliste vraagt, waardoor ze een leugenaar gaat lijken.

Spekman had moeten rechtzetten dat Merkies niet beweerd heeft wat de journaliste beweert.

Het transcript vervolgt:

“[gedaagde 2]: Nee, dat heeft niet meegespeeld in het besluit. Het besluit is eigenlijk maandag, anderhalve week geleden genomen, bijna twee weken geleden, maar daarna was er nog een beroepsmogelijkheid voor [eiseres], en dat heb ik toen ook aangegeven, en daar heeft ze gebruik van gemaakt en ik ben blij dat dat voor de tijd allemaal gesloten is gebleven zodat die procedure goed gevolgd kon worden. (…) kijk integriteit voor ons als Partij van de Arbeid is gewoon een belangrijk onderwerp, en we willen dat dat goed gaat.Daarom hebben we ook onze verantwoordelijkheid genomen om nu in die Commissie naleving om ook die afspraken aan te scherpen, bestuursleden in het zetten, verplichte jaarlijkse terugstorting te doen voor de dagvergoeding. En zo blijven we bezig om iedere keer te kijken waar er gaten zijn waar het gaat om integriteit om die te vullen en tot voorstellen te komen.”

(Vervolg 6) Vetgemaakt dat de PvdA-voorzitter erkend dat een nieuwe regel is ingevoerd.

Ja, maar, als die regel van jaarlijkse terugstorting niet bestond, dan kun je toch niet eisen dat men zich daaraan houdt ? Wanneer er ruimte bestaat om andere kosten te maken, dan is het toch niet onlogisch om die mogelijkheid ook te onderzoeken ?

De rechter had hierop kunnen wijzen.

Vet en rood gemaakt waarin de PvdA-voorzitter de kwestie in de sfeer van integriteit trekt. Dat is laster.

2.20. In de media en op internet zijn op 25 oktober 2013 en daarna talrijke berichten verschenen met de strekking dat [eiseres] € 84.000,- teveel zou hebben ontvangen aan onkostenvergoedingen van het Europees Parlement (productie 3 van [eiseres]). Vet gemaakt: het problematische "teveel".

Men vraagt zich af of de PvdA-voorzitter zijn best heeft gedaan om de media te vragen om te corrigeren en adequaat te rapporteren.

2.21. Bij brief van 29 oktober 2013 heeft (de voormalige raadsman van) [eiseres] het partijbestuur gesommeerd om een rectificatie te zenden aan de partijleden en in de vorm van een persbericht naar het ANP en de GPD met betrekking tot de uitlatingen van [gedaagde 2] over [eiseres] ter zake van (het terugbetalen van) de dagvergoedingen.  Dat lijkt me terecht.
2.22. In een e-mail van [gedaagde 2] aan de leden van de PvdA van 7 november 2013 staat onder meer:

“[eiseres] heeft niet meer onkostenvergoedingen ontvangen dan waarop zij volgens de regels van het Europees Parlement recht heeft. De PvdA hanteert echter een eigen Gedragscode, waarvoor [eiseres] getekend heeft (…) 

Volledigheidshalve tref je hier het verslag van de Commissie Naleving Gedragscode (…) waarin staat dat [eiseres] en de overige delegatieleden, ‘waar het gaat om de besteding van de algemene onkostenvergoeding en de reductie van de dagvergoedingen integer en in overeenstemming met de afgesproken gedragsregels gehandeld hebben’. 

Dat is een onmiskenbaar feit. Wel laat het onverlet dat het partijbestuur het [eiseres] aanrekent hoe zij de afgelopen jaren is omgegaan met de afspraken waarvoor zij heeft getekend en die de partij van belang vindt, zoals toegelicht in mijn eerdere brief. Doorslaggevend voor ons besluit haar niet toe te laten tot de kandidaatstelling is en blijft het gegeven dat de samenwerking de afgelopen jaren in de Eurodelegatie problematisch was.”

Vet en rood gemaakt wat laster is, met name omdat de verandering van de regels niet genoemd worden en de zaak in de sfeer van de integriteit wordt getrokken.
2.23. In een e-mail van 15 november 2013 heeft het lid van de Commissie Naleving Gedragscode Mijnsbergen het volgende geschreven aan (onder meer) [gedaagde 2] en [naam 4]:

“Ik (…) wil dat jullie beiden weten dat ik de correspondentie tussen partijbestuur/partijvoorzitter en de Commissie, persoonlijk als niet verzonden beschouw. (…) In dit bericht verwoord ik nergens de standpunten van de overige leden van de Commissie (…) Duidelijk zal zijn dat het feit dat ik dit bericht op persoonlijke titel schrijf, betekent dat de heren [naam 8] en [naam 7] niet bereid waren tot het nemen van afstand van de correspondentie op deze wijze. De heren [naam 8] en [naam 7] zijn op de hoogte van dit bericht (…).

Ik betreur de correspondentie tussen de Commissie en partijbestuur/partijvoorzitter, inhoud daarvan en toonzetting daarvan ten zeerste en neem in deze mijn eigen verantwoordelijkheid: ik had toentertijd al ofwel deze correspondentie moeten voorkomen, dan wel daar afstand van moeten nemen. (…) Dit ook omdat het ging om vertrouwelijke informatie en het nooit de bedoeling is geweest deze openbaar te maken, dan wel in kort geding te gebruiken. Ook betreur ik dat de partijvoorzitter dit doet zonder de Commissie daarover te informeren. (…)

Het oordeel van de Commissie is naar mijn mening volstrekt helder: alle leden PvdA Eurodelegatie hebben zich aan de Gedragscode gehouden en er is geen enkele aanleiding daaraan, voor wat betreft de terugbetaling van de dagvergoedingen door [eiseres], daaraan te twijfelen. En het uitspreken van twijfels in de openbaarheid is naar mijn mening al helemaal niet aan de orde (…).”


Dit is te vinden in de Volkskrant van 15 november.

Dit terugtreden van Annemarie Mijnsbergen is volkomen terecht. Het verbaast dat professor Willem Witteveen dat niet doet. Het optreden van Hans Ouwerkerk is het meest laakbaar.

Het is onjuist dat de voorzitter van de commissie buiten het officiele rapport contact heeft met de voorzitter.

Dit onthoudt immers ook aan Merkies de gelegenheid om na te gaan wat er over haar gezegd wordt, en daar eventueel op te protesteren of over in beroep te gaan.

Waar de commissie blijkbaar de Gedragscode op twee punten verkeerd weergeeft, zie punt (1) hierboven, is dit bovendien cruciaal.

Het is de vraag of het PvdA-Congres wil dat commissie en voorzitter zo handelen.

 

2.24. Onder de gedingstukken (productie 19 van [gedaagde 2]) bevinden zich diverse nieuwsberichten van oktober en november 2013 waarin de kwestie met betrekking tot de dagvergoeding, en het standpunt van [eiseres] daarin, aan de orde zijn gekomen.  Men vraagt zich inderdaad af of de pers wel de moeite heeft genomen om de zaak grondig uit te zoeken.
3 Het geschil

3.1. [eiseres] vordert, samengevat en na wijziging van eis, hoofdelijke veroordeling van [gedaagde 2], op straffe van een dwangsom van € 50.000,- per dag, om binnen 24 uur na de betekening van het vonnis, per e-mail aan alle leden van de PvdA een rectificatie, als nader omschreven in het petitum, te sturen en gedurende 14 dagen op de homepage van de PvdA-website te plaatsen, alsmede een persbericht met die rectificatie te zenden aan ANP, GPD, Novum, Nos.nl en Nu.nl, waarbij [gedaagde 2] met name afstand neemt van de uitingen in het bericht aan de PvdA-leden van 25 oktober 2013 en, een dag later, op de radio over de integriteit van [eiseres] in relatie tot de dagvergoedingen, met het bevel dat [gedaagde 2] van de rectificatie een afschrift zal zenden aan [eiseres] en met veroordeling van [gedaagde 2] in de proceskosten. 

Vet gemaakt dat het terecht gaat over de integriteit.
3.2. [eiseres] heeft haar vorderingen, samengevat, als volgt toegelicht. Door de uitlatingen in het bericht aan de partijleden en in het radiointerview met betrekking tot de (terugbetaling van de) dagvergoeding heeft [gedaagde 2] de integriteit van [eiseres] in diskrediet gebracht en in twijfel getrokken. Hierdoor zijn haar eer, goede naam en reputatie aangetast en wordt haar politieke functioneren bemoeilijkt. Hiermee heeft [gedaagde 2] c.s onrechtmatig jegens [eiseres] gehandeld, hetgeen door middel van een rectificatie moet worden rechtgezet. Het oordeel van de Commissie Naleving Gedragscode is duidelijk en houdt in dat [eiseres] zich aan de regels heeft gehouden en integer heeft gehandeld. Het past [gedaagde 2] niet om daar publiekelijk een andere mening tegenover te plaatsen, nu de Commissie de daartoe geëigende instantie is en de zaak heeft onderzocht. 

3.3. [gedaagde 2] voert verweer. 

3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 

(7)  Punt 3.2 lijkt me terecht.

Het lijkt me dat de PvdA-voorzitter zelf afstand van zijn optreden zou moeten nemen en Merkies moet danken voor dit leermoment voor fatsoenlijk gedrag.

De PvdA adviseer ik een advocaat die niet alleen blij is met een gewonnen zaak maar ook een die kijkt waarom "gewonnen" is.

4 De beoordeling
4.1. Voorop staat dat [eiseres] in verband met de komende procedure voor kandidaatstelling voor het Europese parlement een voldoende spoedeisend belang heeft bij haar vorderingen. Weliswaar heeft zij zich neergelegd bij het besluit dat zij geen lijsttrekker zal zijn voor de PvdA, maar zij is voornemens ook te solliciteren als ‘regulier’ delegatielid, waarvoor, naar niet in geschil is, van groot belang is dat haar integriteit boven iedere twijfel verheven is. [gedaagde 2] heeft het spoedeisend belang van [eiseres] in dit verband ook niet betwist.
Een slimme meid is op haar toekomst voorbereid. Merkies heeft rechten gestudeerd. Zij heeft blijkbaar de conclusie getrokken dat de lijsttrekkerverkiezing door al dit gedoe niet meer realistisch was, maar hoopte alsnog tijd te hebben om mee te kunnen doen op de lijst. Tenslotte was ze ook de vorige keer met voorkeursstemmen gekozen. Het is volkomen juist dat zij probeert de laster gecorrigeerd te zien.
4.2. Toewijzing van de vordering van [eiseres] tot het plaatsen en verzenden van een rectificatie, zou een beperking vormen van de in artikel 10 lid 1 van het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM) neergelegde grondrecht van vrijheid van meningsuiting. Een dergelijke beperking is ingevolge artikel 10 lid 2 EVRM slechts toegestaan, indien deze bij de wet is voorzien en noodzakelijk is in een democratische samenleving ter bescherming van de in artikel 10 lid 2 genoemde belangen, waaronder de bescherming van de goede naam of rechten van anderen. 

Daarnaast dient een dergelijke beperking proportioneel te zijn. Bij de beantwoording van de vraag of aan deze voorwaarden is voldaan dienen alle omstandigheden van het betrokken geval in ogenschouw te worden genomen. 

Van een beperking die bij de wet is voorzien is sprake, wanneer de uitlatingen van [eiseres] onrechtmatig zijn in de zin van artikel 6:162 van het Burgerlijk Wetboek. 

(a) Dit is van belang ook voor het onderscheid dat de rechter later maakt tussen gewone mensen met een gewone huid en politici met een dikkere huid.

(b) In de laatste alinea: gaat het om uitlatingen van eiseres of van gedaagde, of is dit een incorrecte transcriptie ?

4.3. De uitlatingen waartegen [eiseres] zich verzet, zijn uitlatingen over haar functioneren als politicus, althans uitlatingen die daar in elk geval mee samenhangen. Zij zullen dan ook in die context worden bezien. [gedaagde 2] heeft daarbij terecht aangevoerd dat uitgangspunt is dat een politicus over een dikkere huid zal moeten beschikken dan een (anonieme) ‘gewone’ burger, aangezien de politiek bij uitstek een terrein is dat het algemeen belang raakt en waarbij debatten in de openbaarheid worden gevoerd. Politici dienen er daarom op bedacht te zijn dat zij publiekelijk op hun handel en wandel worden aangesproken en verantwoording dienen af te leggen. Stevige kritiek, ook in de media, zullen zij in beginsel dan ook moeten (kunnen) verduren. Daarbij is van belang dat politici ook meer dan gewone burgers in de gelegenheid zijn om (via de media) in het openbaar hun weerwoord te laten klinken. Ook [eiseres] heeft van die gelegenheid, zo blijkt uit diverse nieuwsberichten (zoals genoemd in 2.24), gebruik gemaakt.  (8) Punt 4.3: "dikkere huid": ja, in het maatschappelijk debat. Maar je mag juist van een bestuur wel degelijk grotere zorgvuldigheid vereisen. 

Dit niet zien is een rechterlijke dwaling.

Voor die dikkere huid in de media zou je bijvoorbeeld naar de Raad voor de Journalistiek kunnen gaan. Maar hier gaat het om het bestuur van een maatschappelijke organisatie.
 

4.4. Voorts is van belang dat de uitlatingen die [eiseres] gerectificeerd wenst te zien, zijn aan te merken als waardeoordelen en niet als feitelijke constateringen. Op zichzelf staat het een ieder vrij een waardeoordeel te geven, wat echter niet wegneemt dat ook een dergelijk oordeel onrechtmatig kan zijn, bijvoorbeeld als dit een ernstige beschuldiging bevat die geen steun vindt in de feiten.  (9) Neen, Spekman spreekt over "laks" terwijl de regels blijkbaar niet stelden dat jaarlijks terugbetaald moest worden. 
4.5. [eiseres] heeft met name bezwaar tegen de uitingen van [gedaagde 2] over de wijze waarop zij is omgegaan met de terugbetaling van (2/3e van) de door haar ontvangen dagvergoedingen van het Europees Parlement, omdat daarbij ten onrechte de suggestie zou zijn gewekt dat zij niet integer is en heeft gesjoemeld met declaraties.  Die suggestie wordt inderdaad gewekt.

Spekman moet zich daarvan als politicus bewust zijn.

Waar de rechter wijst op het politica zijn van Merkies, moet dit ook voor Spekman gelden.

4.6. Volgens [eiseres] stond het [gedaagde 2] niet vrij zijn mening over de terugbetaling van de dagvergoedingen door [eiseres] naar buiten te brengen op de door hem gevolgde wijze, alleen al niet omdat de aangewezen instantie daarvoor, de Commissie Naleving Gedragscode, heeft geoordeeld dat de delegatieleden, onder wie [eiseres], zich aan de regels hebben gehouden en integer hebben gehandeld. 

In dit standpunt zal [eiseres] niet worden gevolgd. 

De omstandigheid dat een toetsingsinstantie, zoals in dit geval de Commissie Naleving Gedragscode, een oordeel heeft gegeven over een bepaalde kwestie, verplicht de betrokkenen niet tot het zich onthouden van commentaar over dat oordeel en/of de betreffende kwestie zelf. Dit kan slechts anders zijn als met dat commentaar de grenzen van het betamelijke worden overschreden. 

Aangezien [eiseres] heeft gesteld dat daarvan sprake is, zal hierna de aard en de inhoud van de betreffende uitlatingen tegen het licht worden gehouden. 

(10) De rechter maakt geen onderscheid tussen wat publiekelijk door de Commissie Naleving is gesteld en wat onderhands door de commissie-voorzitter aan de pvda-voorzitter is doorgebriefd. 

Hierbij maakt de pvda-voorzitter wel degelijk gebruik van oneigenlijk verkregen informatie. 

Wanneer de Commissie had gezegd: Merkies, dit wordt ons openbare standpunt maar ons onderhandse danwel achterbakse standpunt wordt zus en zo, dan had wellicht nog beroep t.a.v. dat laatste kunnen bestaan. Maar die beroepsmogelijkheid is onthouden. 

Het is ook de vraag of het Congres wil dat de Commissie zo achterbaks opereert. 

Nogmaals, zie punt (1), waarin de Commissie een verkeerde voorstelling van de interne regel geeft.

Mogelijk is het zo dat de rechter aan Commissie en Spekman niet de juridische mogelijkheid kan onthouden om hier achterbaks op te treden. Wel kan de rechter constateren dat Spekman enerzijds zegt de zaak te behandelen met de juiste procedures en anderzijds dit niet doet. Men vraagt zich af wat een kruisverhoor hier zou opleveren.

4.7. Voorop staat dat [gedaagde 2] niet heeft gezegd of geschreven dat [eiseres] zich schuldig heeft gemaakt aan gesjoemel met declaraties of aan onjuist declaratiegedrag. [gedaagde 2] heeft ook niet gezegd dat [eiseres] meer vergoedingen heeft ontvangen dan waarop zij volgens de regels van het Europees Parlement recht heeft. [gedaagde 2] heeft enkel kritiek geuit op de manier waarop [eiseres] met de gedragscode van de PvdA inzake de dagvergoedingen is omgegaan en meegedeeld dat het partijbestuur het haar aanrekent dat zij zo lang gewacht heeft met de restitutie (van 2/3 deel) daarvan. Ook heeft [gedaagde 2] vermeld dat dit een rol heeft gespeeld bij de beslissing haar niet op de kandidatenlijst te plaatsen voor het lijsttrekkerschap.  (11) De rechter maakt terecht onderscheid tussen wat gedaagde zegt en waartegen eiseres bezwaar maakt, namelijk de suggestie van gesjoemel (4.5).

Vervolgens verwerpt de rechter die suggestie van gesjoemel, omdat gedaagde alleen kan worden gehouden aan wat hij gezegd heeft.

Dat is niet juist. 

Want wat gedaagde zegt leidt logisch tot die suggestie van gesjoemel. Juist ook omdat gedaagde de zaak trekt in de sfeer van integriteit.

Gedaagde had andere bewoordingen moeten kiezen waardoor die suggestie vermeden was.

Hij had bijvoorbeeld kunnen zeggen: We hebben een nieuwe regel ingevoerd, die daarvoor nog niet bestond, dat jaarlijks terugbetaald moet worden, en daar heeft de kandidaat zich niet aan gehouden. Ze had maar moeten raden dat we die regel achteraf zouden gaan invoeren. 

Klaar. Helder. Zonder suggestie van gesjoemel.

4.8. Anders dan [eiseres] stelt heeft [gedaagde 2] bij het uiten van zijn kritiek, naar het oordeel van de voorzieningenrechter, geen onnodig grievende bewoordingen gebruikt en/of beschuldigingen geuit die geen steun vinden in de feiten. Vaststaat immers dat [eiseres] de bedragen pas in juli 2013 heeft terugbetaald, na aandringen daarop door de Commissie (zoals bijvoorbeeld in de e-mail van 1 juli 2013 (2.9)) en nadat zij eerder had gevraagd of de gelden aangewend konden worden voor een pied-à-terre te Amsterdam of voor het aanstellen van een extra medewerker. Weliswaar is dat niet in strijd met de letterlijke tekst van de door [eiseres] getekende Gedragscode, maar dat bood wel grond tot het stellen van vragen en het voeren van correspondentie door de Commissie met de partijvoorzitter, waarin de houding van [eiseres] werd bekritiseerd, zoals blijkt uit de onder 2.6, 2.8 en 2.9 weergegeven producties. Dat [eiseres] zich aan de letter van de (toenmalige) Gedragscode heeft gehouden, brengt dan ook niet mee dat [gedaagde 2] zich niet kritisch over het gedrag van [eiseres] op dit punt zou mogen uiten. (12)

(a) De rechter gaat oordelen over wat jij grievend moet vinden. Het lijkt me dat de rechter daarin zeer terughoudend moet zijn. Wanneer mensen bijvoorbeeld Sinterklaas en Zwarte Piet grievend vinden voor hun kinderen dan is het niet meer dan redelijk om iets anders te verzinnen, bijvoorbeeld Kinderklaas en Malle Piet. (Ik stel dat laatste al voor sinds 1992, zie hier, maar Nederlanders hebben een te dikke huid om hier gevoelig voor te zijn.) 

(b) Vet gemaakt: de rechter erkent dat Merkies zich integer heeft opgesteld.

(c) Vet en rood gemaakt: de rechter geeft ruim baan aan laster. Vertaald staat hier: "Dat [eiseres] zich aan de letter van de (toenmalige) Gedragscode heeft gehouden, brengt dan ook mee dat [gedaagde 2] best mag gaan lasteren."

4.9. Daar komt bij dat [gedaagde 2] de PvdA-leden niet onjuist heeft geïnformeerd in zijn e-mail van 25 oktober 2013 (2.18). Weliswaar heeft hij toen geen melding gemaakt van het oordeel van de Commissie Naleving Gedragsregels, maar dat lag ook niet direct in de rede, nu in deze mail werd geaccentueerd dat [eiseres] niet aan de profielschets voldeed en de kwestie met de dagvergoedingen een bijkomend punt was.  (13) In 4.9 stelt de rechter dat gedaagde het mag doen voorkomen alsof de financien een "bijkomend punt" was (vet gemaakt). Nee, die vrijheid heeft gedaagde niet. Als dat een hoofdpunt van laster is, is het niet bijkomend.

Je kunt toch niet met droge ogen volhouden dat het dispuut daarover ontstond ?

 

Nadat het dispuut over de dagvergoedingen was opgelaaid heeft [gedaagde 2] op 7 november 2013 expliciet de inhoud van het oordeel van de Commissie Naleving Gedragscode – dat de delegatieleden zich aan de code hebben gehouden en integer hebben gehandeld – meegedeeld aan de leden, met een verwijzing naar de link waarop het volledige rapport te lezen viel.  (14) De verwijzing van gedaagde op 7 november 2013 naar het officiele rapport van de Commissie Naleving misleidend, omdat hij zijn oordeel baseerd op "informatie" die niet in dat rapport staat. De PvdA voorzitter draait zijn leden een rad voor de ogen.

Het rapport concludeert tot integriteit, en hij baseert zijn oordeel van ontoereikende integriteit met een verwijzing naar een rapport dat juist tot integriteit besluit.

Je bent niet integer want in dit rapport staat dat je het wel bent !

Je hebt gestolen want in dit rapport staat dat dit niet zo is !

Evenmin heeft [gedaagde 2] aan de partijleden of aan het publiek meegedeeld dat een gebrek aan integriteit de reden was dat [eiseres] niet op de kandidatenlijst voor het lijsttrekkerschap is geplaatst. Aan de partijleden heeft hij meegedeeld dat de problematische samenwerking binnen de Eurodelegatie daarvoor de belangrijkste reden was en heeft hij de omgang van [eiseres] met de inhoud van de Gedragscode als bijkomend punt vermeld, waarbij [eiseres] met name is verweten dat zij aan de terugbetaling (te) weinig prioriteit heeft gegeven. Dat hij dit laatste in de context heeft geplaatst van het grote belang dat de PvdA hecht aan integriteit is niet onbegrijpelijk en kan niet één op één gelijk worden gesteld met een mededeling dat [eiseres] niet integer heeft gehandeld.  (15) Dit is de grootste kronkel in de uitspraak, waarin de rechter ook zelf gaat lasteren, vet en roodgemaakt.

(a) Het is inderdaad zo dat dit niet één op één kan.

(b) Wat de rechter "begrijpelijk" noemt is juist wel onbegrijpelijk want het staat niet één op één.

(c) Het is de PvdA-voorzitter die zaken één op één stelt. Zie bijv. 2.19 "misschien moeten we het allebei wat ons betreft beter doen, want de integriteit is een belangrijk onderwerp voor de PvdA". Zie punt (6).

Eiseres heeft volkomen gelijk dat hij dat laatste niet mag doen.

(d) De rechter vindt dat zij gelijk heeft, en neemt haar redenering feitelijk over, maar om die anders voor te stellen, te doen alsof zij zaken één op één stelt, en te concluderen dat zij ongelijk heeft. 

Zoals gezegd stond [gedaagde 2] niet alleen in zijn mening dat [eiseres] bij de terugbetaling van de dagvergoeding steken had laten vallen. In de aangehaalde correspondentie komt immers naar voren dat ook de Commissie in de aanloop tot haar oordeel bij het gedrag van [eiseres] kritische kanttekeningen heeft geplaatst. Weliswaar heeft één lid van de Commissie Naleving Gedragscode zich later van deze correspondentie gedistantieerd (2.23), maar dat geldt niet voor de andere twee leden en de ambtelijk secretaris. De kwestie heeft bovendien geleid tot aanscherping van de Gedragscode en tot wijzigingen in de (samenstelling van de) Commissie.  (16) De rechter telt poppetjes maar moet naar de inhoud kijken. Groepsverkrachting is niet toegestaan als er meer mensen meedoen.
Voor zover de gemiddelde lezer of luisteraar aan de uitlatingen van [gedaagde 2] wel de conclusie zou verbinden dat [eiseres] niet integer zou zijn, brengt dat in de gegeven omstandigheden niet de onrechtmatigheid van de uitingen zelf met zich. .  (17) De rechter zou George Orwell over Newspeak moeten lezen. 

Volgens de rechter mag je iets suggereren, en wanneer mensen daar in trappen is het aan hen en niet aan jou. 

Zo mocht DSB blijkbaar ook financiele producten verkopen.

Het gaat hier om waardeoordelen over een feitencomplex waar verschillend tegenaan gekeken kan worden. Dat [eiseres] de eerste Europarlementariër van de PvdA was waarbij de kwestie met de dagvergoeding speelde, dat de regels omtrent het tijdstip van rapportage over de terugbetaling van de dagvergoeding (anders dan aangaande andere vergoedingen) niet (exact) waren vastgelegd en dat niet duidelijk was wat verstaan moest worden onder ‘extra kosten’ (2.5) (en dat een ‘pied-à-terre’ daar best eens onder zou kunnen vallen) neemt allemaal niet weg dat het terugbetalingstijdstip van de dagvergoedingen voorwerp van dispuut kon zijn (en ook was). Zoals gezegd heeft [eiseres] de gelegenheid (gehad) om in het openbaar haar eigen standpunt hierover kenbaar te maken en om mogelijk onjuiste interpretaties van de uitingen van [gedaagde 2] recht te zetten. Zij heeft van die mogelijkheid ook gebruik gemaakt. Dat [eiseres] anders dan [gedaagde 2] niet beschikt over het e-mailbestand van de leden van de PvdA doet daaraan niet af (18) Je kunt zo'n rechterlijk vonnis optuigen met allerlei vanzelfsprekendheden en dan lijkt het gewichtig. 

Er is niemand die bestrijdt dat er zo'n dispuut was. 

Waar het om gaat is dat PvdA-voorzitter dit dispuut plaatst in de context van integriteit, en hanteert om een kandidaat te diskwalificeren, en daarmee de democratie saboteert.

In plaats van dat hij de Gedragscode nog eens naleest en ziet dat de Commissie Naleving deze verkeerd voorstelt, zodat Merkies gelijk heeft, kiest hij, mogelijkerwijs wegens schoonschip maken, voor laster.

4.10. [eiseres] heeft ook gesteld dat [gedaagde 2] haar ten onrechte heeft uitgemaakt voor leugenaar. Daartoe voert ze aan dat [gedaagde 2] in het radio-interview de veronderstelling dat de PvdA ‘schoon schip’ heeft willen maken bij de samenstelling van de kandidatenlijst voor (het lijsttrekkerschap van) het Europees Parlement van de hand heeft gewezen, terwijl dat in het verweerschrift in de bezwaarprocedure van [eiseres] met zoveel woorden is genoemd als argument van de adviescommissie kandidaatstelling, op wier advies het partijbestuur zich beroept. Ook deze stelling van [eiseres] zal niet worden gevolgd. [gedaagde 2] heeft in het radio-interview gezegd dat het maken van ‘schoon schip’ niet de reden is geweest om [eiseres] niet als kandidaat voor te dragen en dat dat ook zijn woorden niet zijn geweest. In het verweerschrift wordt de term ‘schoon schip’ aangehaald als afkomstig van de adviescommissie. Weliswaar wordt het oordeel van de adviescommissie overgenomen, maar dat maakt de opmerking van [gedaagde 2] nog niet onjuist, noch wettigt dit de conclusie dat [gedaagde 2] [eiseres] in het radio-interview als leugenaar zou hebben neergezet. (19) In 4.10 vinden we nog meer wonderlijke spagghetti, vet gemaakt. Merkies stelt een verklaring op met het woord "schoonschip", zie dit vonnis 2.17 of haar website

"Doorslaggevend bij de beslissing is de negatieve visie van het partijbestuur op de samenwerking binnen de huidige eurodelegatie. Mij is duidelijk geworden, dat hierachter de uitdrukkelijke wens schuil gaat om schoon schip te maken en te komen met een geheel nieuwe delegatie."

Deze opmerking is correct want het partijbestuur heeft advies gekregen van een adviescommissie die het woord "schoonschip" gebruikt.

De journaliste maakt daarvan dat Merkies zou hebben gezegd dat het PB ook schoonschip wil maken, zie dit vonnis 2.19.

Gedaagde kan ontkennen, want "schoonschip" was niet zijn woord. 

Hij weet dat als hij ontkent wat Merkies gezegd zou hebben, hij impliceert dat zij een leugenaar is.

Hij had moeten rechtzetten: Journalist, u geeft de situatie verkeerd weer. Merkies heeft verwezen naar de adviescommissie die adviseerde om schoonschip te maken. Dat is een volkomen terechte observatie. 

Jounalist: En neemt u dat advies over ?

De voorzitter: Wij wijzen het advies af. Er is geen overtuigende reden om schoonschip te maken. 

Tenminste, wanneer hij gebruik van dat woord niet ondersteunt. Eventueel wil hij schoonschip maken zonder dat woord te gebruiken, maar dat is dan achterbaks.

De rechter dwaalt in de vetgemaakte passage dus dat de opmerking van gedaagde wel degelijk de implicatie van leugenaar heeft. De rechter begrijpt niet dat de ontkenning van een vraag van een journalist die implicatie heeft. De rechter kent het verschil tussen ontkennen en rechtzetten niet. De rechter spreekt over politici met dikke huiden maar weet niet wat politici doen.

4.11. Ook de stelling dat [gedaagde 2] welbewust een actie ter beschadiging van [eiseres] heeft ingezet door het dispuut over de dagvergoedingen in de openbaarheid te brengen, is tegenover de gemotiveerde betwisting daarvan door [gedaagde 2] niet aannemelijk geworden. Het bericht op de website van [eiseres] met betrekking tot de naleving van de Gedragscode en het oordeel van de Commissie daarover (zie onder 2.17) was van een (iets) eerder tijdstip dan de e-mail die [gedaagde 2] op dezelfde dag aan de (volgens [eiseres] 54.000, volgens [gedaagde 2] 37.000, namelijk alleen de via e-mail bereikbare) leden van de PvdA heeft gezonden. Ter zitting is zijdens [gedaagde 2] verklaard dat in de e-mail aan de leden juist is ingegaan op de dagvergoedingenkwestie als reactie op het bericht op de website van [eiseres]. 

Wie de kwestie als eerste in openbaarheid heeft gebracht kan evenwel hoe dan ook niet van beslissende betekenis worden geacht. Het oordeel van de Commissie Naleving Gedragscode was toegankelijk op de PvdA website en het betrof, anders dan [eiseres] heeft gesteld, een onderwerp van publiek belang, waarover derhalve ook in het openbaar mag worden gediscussieerd. 

 

(20) Vetgemaakt: 

(a) Merkies meldt op de website dat zij integer heeft gehandeld.

(b) Blijkbaar vindt Spekman het nodig om een kanttekening te plaatsen, zie punt (11) hierboven.

(c) Dus het is wel degelijk aannemelijk geworden.

De omstandigheid dat [gedaagde 2] alleen bereid was om een gezamenlijke verklaring over de kwestie met de dagvergoeding naar buiten te brengen, indien [eiseres] daarin ook haar terugtreden als kandidaat voor het lijsttrekkerschap zou aankondigen, maakt de uitingen evenmin onrechtmatig. Dat geldt ook voor de omstandigheid dat [gedaagde 2] kenbaar heeft gemaakt dat het bezwaar van [eiseres] tegen de beslissing haar niet op de kandidatenlijst voor het lijsttrekkerschap te plaatsen, ongegrond is verklaard, en voor de omstandigheid dat hij (in zijn e-mail aan de leden) ingegaan is op het advies van de adviescommissie over de lijsttrekkerskandidaten, terwijl de uitspraak van de Beroepscommissie en het advies volgens de reglementen van de PvdA vertrouwelijk zijn. Weliswaar valt aan te bevelen om vertrouwelijke stukken ook vertrouwelijk te behandelen, maar aan de andere kant is voorstelbaar dat [gedaagde 2] transparantie wilde betrachten over een kwestie die in de media al de nodige aandacht had getrokken.  (21) Als deze gezamenlijke verklaring zou inhouden dat de PvdA voorzitter de qualificaties van "laks" en "te lage prioriteit" zou intrekken, dan is die eis van terugtreden een chantage.

Is er een concept-tekst, en hoe luidde die ?

4.12. Tenslotte houdt ook de stelling van [eiseres] dat de uitlatingen van [gedaagde 2] onrechtmatig zijn vanwege de beschadigende gevolgen daarvan voor haar politieke functioneren, geen stand. Dit zou het geval hebben kunnen zijn als sprake was geweest van ernstige, ongefundeerde, beschuldigingen, maar dat is hier, zoals uit het voorgaande volgt, niet aan de orde. (22) De PvdA voorzitter brengt de trage terugbetaling in verband met integriteit. 

Dat is wel degelijk een ernstige en ongefundeerde beschuldiging.

De rechter verwijst naar fundering is rapport van Commissie Naleving, emails, Adviescommissie, Beroepscommissie. Maar we hebben boven gezien dat deze ernstige logische fouten bevatten. De rechter had die logische fouten ook kunnen zien en moeten constateren dat er geen fundament is. 

De rechter had dit juist ook kunnen inzien, omdat eiseres erop wees. Wat is rechtspraak, wanneer een rechter niet kijkt naar wat je te zeggen hebt ?

4.13. Het hiervoor overwogene leidt tot de slotsom dat de uitlatingen van [gedaagde 2] in de gegeven omstandigheden voorshands niet onrechtmatig jegens [eiseres] worden geacht en dat dus voor een beperking van de uitingsvrijheid van [gedaagde 2] geen grond bestaat. De vraag of [gedaagde 2] niet alleen als partijvoorzitter maar ook als privépersoon voor de betreffende uitlatingen aansprakelijk kan worden geacht behoeft bij deze uitkomst geen beantwoording.

4.14.De gevraagde voorzieningen zullen dan ook worden geweigerd, met veroordeling van [eiseres] als de in het ongelijk gestelde partij, in de kosten van dit geding.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. weigert de gevraagde voorzieningen;

5.2. veroordeelt [eiseres] in de kosten van dit geding, tot heden aan de zijde van [gedaagde 2] begroot op:

– € 589,- € 589,- aan griffierecht en

– € 589,- € 816,- aan salaris advocaat;

5.3. verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.P. Pompe, voorzieningenrechter civiel, bijgestaan door mr. M. Balk, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 29 november 2013.
 

Het afronden van de fouten uit het voorgaande.

We zien niet alleen zulke fouten in het strafrecht met bijv. Lucia de B. of het ambtenarenrecht met bijv. de CPB casus, maar dus ook in het civiel recht.

Er is hier overigens enige overlap, want Paul Tang is door leden gekozen tot lijsttrekker, met een opkomst van ca. 28%. Tang was wetenschappelijk medewerker op het CPB in 1995-2005 en PvdA Tweede Kamerlid in 2007-2010. Hij heeft tot nog toe geen vragen gesteld over de censuur van de wetenschap door de directie van het CPB. Dit is in die lijsttrekker-campagne ook niet besproken.

Zie hier voor laster in Nederland in het algemeen.
 

 

  Kort afsluitend commentaar
Mijn advies aan Judith Merkies is de integriteit voorop te stellen zoals ik sinds 1990 doe. Voor haar zal de verleiding groot zijn de zaak nu te laten varen, te kiezen voor rust, en te hopen dat de PvdA na enige tijd de hand over het hart strijkt, en "haar vergeeft". Over vijf jaar kan deze affaire dan als een misverstand worden afgedaan. Mij lijkt dat een gevaarlijke verleiding, waardoor haar integriteit corrumpeert en zij zichzelf niet meer in de spiegel kan kijken. De PvdA lijsttrekkerverkiezing is bijv. een aanfluiting, en wanneer je zulks accepteert dan, nou ja, krijgt het land de bestuurders die het verdient.

Mijn advies aan mw Merkies is heel precies aan te geven wat de laster is, vervolgens de partijgenoten die haar steunen hiervan op de hoogte te stellen, en te vragen of men bereid is gezamenlijk te bepleiten dat een hoge commissie wordt ingesteld, met eventueel het opnieuw houden van de lijsttrekkerverkiezingen maar in ieder geval een uitspraak van het congres van 15-16 februari 2014 waarop de heer Spekman ook kan terugtreden. Mochten de partijgenoten haar integriteit niet steunen, dan is het verlaten van de PvdA gewenst ten behoeve van het behoud van die integriteit alsook van de geestelijke gezondheid. Zoals iedereen van buiten de PvdA doet kan men de waanzin en het ellebogenwerk van de PvdA ook van buitenaf bestrijden.