Jan Pen snapt het nog niet

 

 

Jan Pen is een van de betere economen - of ‘economisch journalist’ zoals hij zichzelf tegenwoordig noemt (Elsevier 24-12-94). Hij schrijft helder en met een gezond verstand. Thuis heb ik een ‘plankje Pen’, en het is in het algemeen een genoegen een tekst van Pen open te kunnen slaan. Het doet me dan ook verdriet dat Jan Pen nog niet snapt waarom er zo’n massale en hardnekkige werkloosheid bestaat. In een stukje voor het Parool van 23 april jl. schrijft Pen, in misschien wel het mooiste en helderste Nederlands dat er is, de grootst mogelijk onzin op, en draait daarmee velen een rad voor de ogen.

In het Parool van 10 april jl. hebben Arie de Goederen en ik geschetst wat volgens ons de verklaring voor de werkloosheid is. Volgens ons is werkloosheid inefficient, en bestaat er een aanpak waardoor we er allemaal in welvaart op vooruit kunnen gaan. Dat is altijd zo wanneer iets inefficient is: dan maak je winst door het efficienter aan te pakken. Jan Pen echter meent dat aanpak van de werkloosheid het risico heeft dat het ten koste van iets anders gaat. Er is dan geen verbetering mogelijk, alleen het op geluk verschuiven van het probleem - en wat je dan kiest is geen kwestie van wetenschap maar politiek.

Pen stelt namelijk:

Wat Jan Pen beweert staat haaks op de analyse van De Goederen en mij. Pen zegt dat er risico bestaat. Wij zeggen dat er geen risico is. Het lijkt een klein verschil. Echter, zoals jongens en meisjes al vroeg leren kan een klein verschil grote gevolgen hebben. Volgens De Goederen en mij zal de staatsschuld versneld kunnen verminderen, terwijl Pen (volgens ons) spoken ziet.

Het bijzondere van de situatie is dat zowel Pen als De Goederen en Cool zich gunstig uitspreken over het verlagen van de loonkosten aan de onderkant van het loongebouw. Jan Pen is echter gedwongen om te zeggen dat dit slechts zijn politieke mening is, de persoonlijke stem van een van de miljoenen kiezers. De Goederen en Cool beweren echter dat er sprake is van een wetenschappelijk resultaat. Hun persoonlijke voorkeur is niet aan de orde; en dat geldt versterkt voor mij als wetenschapper. Het is ook niet zo dat politici zo’n maatregel moeten nemen: of ze dat doen, d.w.z. of de politiek ons rijker wil maken, dat kan de politiek zelf bepalen. En er bestaat natuurlijk een risico dat politici zodanige maatregelen nemen dat de staatsschuld toch omhoog gaat - maar dat is dan een politiek resultaat, omdat de politiek wat anders wil dan wetenschap.

Ik hoop dat wie dit leest nu een probleem heeft. Aan de ene kant is er Jan Pen, met hoge reputatie, welbespraakt, het vertrouwde steunpunt in de krant, en in gezelschap van menig andere bekende econoom. Aan de andere kant staan er twee vreemden met een wild verhaal. Wie heeft er gelijk ? De ware fan van Pen weet dat Jan Pen ooit een boekje met deze titel: "Wie heeft er gelijk ?" schreef. Uit dat boekje kunt u opmaken dat u er goed aan doet voorzichtig te zijn met het geloven van ‘autoriteiten’. Mijn suggestie is dat er niets anders op zit dan dat u zelf wat over de kwestie gaat nadenken. Begin ermee u af te vragen waarom we belasting heffen bij voltijds werkers beneden het minimumloon. Want het rare is dit: beneden het minimumloon mag er niet voltijds gewerkt worden, zijn er dus geen voltijds arbeidsinkomsten, komen er daarover dus geen belastingen binnen, en zouden de belastingen dus gratis geschrapt kunnen worden. Waarom heffen we papieren belastingen, die niet werkelijk geld opleveren, en die alleen maar de loonkosten opdrijven waardoor mensen werkloos worden ? Waarom schrappen we dit niet ?

Overigens verlangt niemand dat gewone burgers het werk van economen over gaan doen. Het is een moeilijk vak. Ik vraag alleen ieders critische betrokkenheid, d.w.z. dat men erop toeziet dat economen tenminste goed met elkaar praten. Want dat doet me het meest verdriet: dat de collega’s zich niet aan de spelregels van het wetenschappelijk debat houden.

Op 5 juni 1992 schreef Jan Pen in het Parool:

Tot mijn grote spijt heeft Jan Pen het punt van de wetenschappelijke integriteit niet verder doorgezet. Volgens mij is het aan de orde. Medewerkers bij het CPB hebben overigens een aanstelling als wetenschapper en niet als beleidsmedewerker. Helaas is Pen de nadruk op de inhoud van de kwestie gaan leggen - en toen gaan menen dat ik ongelijk heb. Wanneer ik zeg dat aanpak van de werkloosheid niets hoeft te kosten, dan verzucht hij: "Natuurlijk moet het iets kosten ! Daar zijn we toch economen voor ?" Einde gesprek (voor Pen).

Overigens is mijn analyse ingewikkeld. Ook Jan Pen zal er even voor moeten gaan zitten om alles langs te lopen. Het is duidelijk dat hij denkt dat deze uitvoerige studie niet de moeite zal lonen, alleen al gezien ons verschil van inzicht op dat zeer basale vlak of er nu sprake is van inefficiëntie of niet. Als mederedacteur van een wetenschappelijk tijdschrift (Openbare uitgaven) heeft Pen wel eens ondersteund dat een artikel van me, met enkele wijzigingen, gepubliceerd zou worden; maar meer wezenlijke besprekingen snapt hij niet, en blijft hij al bij de eerste zinnen steken. Overigens kwam die publicatie er niet, omdat de andere redacteuren zelfs de door Pen voorgestelde wijzigingen niet lustten. De collega’s bij het CPB hebben natuurlijk heus wel een scenario met een verhoging van de belastingvrije voet doorgerekend. Wat dat betreft is Pen’s opmerking hierboven incorrect. Het punt is echter dat mijn analyse ingewikkeld is, en dat doorrekenen ervan verboden werd. De voetverhoging die de collega’s doorrekenen is een andere dan door mij beoogd; bijv. geven de collega’s de verhoging aan alle inkomens door, en dat maakt zo’n maatregelen prohibitief duur. Ik kan u verzekeren dat er nog 100 andere misverstanden mogelijk zijn, en omdat de regels van het wetenschappelijk debat geweld worden aangedaan, komen we er niet uit.

Het grote probleem waar het westerse politieke stelsel van de Trias Politica mee worstelt is dat niet goed geregeld is dat politieke machthebbers goed omgaan met wetenschappelijk advies dat politiek gevoelig ligt. Dat geldt ook t.a.v. de EMU, waar Jan Pen vooral over schreef, in het aangehaalde stukje van 23 april. Een EMU is best, maar wordt door politici mogelijk verkeerd uitgevoerd. Ook hier snapt Pen niet dat hij de verkeerde beslissingsstructuur centraal moet stellen, en niet de dooddoener verkopen dat politici soms wel eens de wetenschappelijke waarheid verdoezelen. Met alle respect Jan: Hou op tegen de leeuwen en hyena’s te vechten, lees mijn werk nu eens, en help mee de mensen uit te leggen dat de dierentuin ook anders ingericht kan worden.

 

24 april 1996
Thomas Cool

Gepubliceerd (grotendeels) in Het Parool 2/5/96