Zie de casus
Amsterdam, 4 februari 2005
 

Geachte heer Cool,

In uw brief met bijlagen van 20 december 2004 dient u een klacht in wegens een weigering van het bestuur van het Erasmus MC om een melding van een vermoeden van een misstand in behandeling te nemen. De bedoelde weigering staat volgens de aangeleverde informatie en uw betoog in het besluit van 16 december 2004.
Verder verzoekt u het LOWI u een raadsman toe te wijzen die u kan assisteren bij het nader toelichten van de kwestie. 

Het LOWI heeft zich over uw klacht en over uw verzoek gebogen en is daarbij tot de volgende oordelen gekomen. 

Allereerst merkt het LOWI op niet de bevoegdheid noch de middelen te hebben u in enigerlei procedure een raadsman toe te wijzen.

Verder constateert het LOWI dat uw brief zich richt tegen het besluit van 16 december 2004, waarin uw bezwaren ongegrond respensievelijk niet-ontvankelijk worden verklaard.

Het LOWI heeft overwogen of uw klacht, gericht tegen zoals u dat omschrijft de weigering om een melding van een vermoeden van een misstand ten aanzien van de wetenschappelijke integriteit in behandeling te nemen, volgens het LOWI reglement ontvankelijk is.

Zoals u bij eerder gelegenheid gemeld is, werd het LOWI in het leven geroepen als een adviesinstantie die de besturen van de 'aangesloten instellingen' adviseert over klachten inzake de afhandeling van een klacht over schending van wetenschappelijke integriteit door een bij die instelling werkzame persoon.

Uit de definitie van het begrip wetenschappelijke integriteit in het reglement blijkt dat het gaat om "wetenschappelijk onderzoek voorbereiden, verrichten en over de resultaten daarvan publiceren overeenkomstig algemeen aanvaarde normen van wetenschappelijk handelen". Op basis van de geschiedenis van de totstandkoming van het LOWI-reglement, daaronder begrepen de Notitie Wetenschappelijke Integriteit van de KNAW, NWO en de VSNU, is het LOWI slechts bevoegd te adviseren indien het bestuur van de instelling een beslissing heeft genomen naar aanleiding van een klacht over schending van wetenschappelijke integriteit als voorenbedoeld.

Bij de besluiten van het bestuur van het Erasmus MC gaat het niet om beslissingen die zijn genomen in een procedure die gevoerd is overeenkomstig de voormelde notitie.

Reeds om deze reden meent het LOWI dat uw klacht niet ontvankelijk is.

Hoogachtend,

de voorzitter van het LOWI

prof. mr. A.S. Hartkamp

voor deze:

mr. D.G. de Hen
secretaris


 
Opmerkingen van Thomas Colignatus van 6 februari 2005

(1) De kwestie die ik de decaan van het Erasmus MC in mijn brief van 30 juli 2004 voorlegde betreft inhoudelijk  "wetenschappelijk onderzoek voorbereiden, verrichten en over de resultaten daarvan publiceren overeenkomstig algemeen aanvaarde normen van wetenschappelijk handelen".

(2) De decaan heeft mijn brief van 30 juli 2004 niet in behandeling genomen.

(3) Naar ik begrijp stelt de Algemene Wet Bestuursrecht (Awb) artikel 6:2 dat het ook een besluit is wanneer men (kennelijk) weigert een besluit te nemen.

(4) Er is dus voldaan aan het criterium van het LOWI dat "het bestuur van de instelling een beslissing heeft genomen naar aanleiding van een klacht over schending van wetenschappelijke integriteit als voorenbedoeld".

(5) Het LOWI stelt dat dit niet het geval zou zijn. Het LOWI faalt dus.

(6) Het LOWI is wel degelijk in staat en bevoegd mij, op mijn verzoek, een vertrouwenspersoon cq. raadspersoon op het terrein van de wetenschappelijke integriteit toe te wijzen. Dit kan ook kostenloos. Immers, men kan uit de eigen contacten een vrijwiller recruteren die zich hiertoe beschikbaar stelt. Ik ben niet thuis om dit terrein, het LOWI heeft hier de contacten, men kan mij helpen en ik heb daartoe toestemming gegeven zodat men die bevoegdheid heeft.

(7) Het is ook niet onredelijk dat het LOWI zulks zou doen. (a) Volgens het interne reglement van het Erasmus MC zijn meldingen te richten aan de decaan, maar volgens het reglement van het LOWI zijn meldingen te richten aan een vertrouwenspersoon die niet de decaan mag zijn. Het Erasmus MC houdt zich hier dus niet aan de afspraken gemaakt t.a.v. het LOWI. (b) Sinds april 2004 toen de kwestie ontstond heb ik dringend gevraagd om een vertrouwenspersoon maar deze nog niet toegewezen gekregen. (c) Het LOWI heeft al eerder gefaald t.a.v. mijn eerdere melding aan het LOWI van 9 mei 2004 en doet dat wederom in deze melding van 20 december 2004. Mogelijk dat zo'n vertrouwenspersoon wel serieus behandeld zou zijn waar het LOWI mij duidelijk niet serieus behandelt.

(8) De situatie is nu zo dat wanneer een wetenschapper bij het bestuur van zijn instelling een melding doet van een vermoeden van een misstand t.a.v. de wetenschappelijke integriteit, dat dit bestuur deze melding gewoon kan negeren, en dat het LOWI dan verder niets doet omdat er 'geen besluit over de melding is'. 

(9)  Het lijkt me dat deze situatie niet bevorderlijk is voor de wetenschappelijk integriteit. Deze situatie is in strijd met de geest van de Awb en het eigen reglement van het LOWI. Zie bijvoorbeeld hoe het is met mijn melding. Het bestuur van de instelling negeerde het aspect van de wetenschappelijke integriteit, trok de kwestie in arbeidsrechtelijk sfeer, stelde eisen in strijd met de integriteit van de wetenschap, en ging over tot onheus ontslag. Het reglement van het LOWI wekte de indruk dat er bescherming bestond t.a.v. de wetenschappelijke integriteit - maar die bescherming is er dus niet. Iemand die niet ontslagen wil worden - bijvoorbeeld omdat hij of zij partner en / of kinderen te onderhouden heeft - is gewaarschuwd t.a.v. het doen van een melding t.a.v. een vermoeden t.a.v. een misstand t.a.v. de wetenschappelijke integriteit. Er is geen bescherming en u kunt gemakkelijk en met leugens en laster ontslagen worden.