[Punt 6 uit Het Vervolg]

6.     D accepteert allerlei fouten van het management en gaat niet over tot nader onderzoek, zelfs wanneer in de procedures voldoende naar boven komt

 6a. Chef en HAC. Er is voldoende genoemd.

Ik geef hierbij aan dat kwesties met name in de loop van het beroep vorm en omvang hebben gekregen. Ik heb het interne beroep vooral t.a.v. de HAC geformuleerd gezien zijn verantwoordelijkheid - waardoor ook de relatie met de chef gespaard bleef.

6b. T.a.v. de personeelsfunctionaris: De op het bureau gehanteerde loopbaanregeling bleek niet afgestemd met BiZa. Deze eigen loopbaanregeling is t.a.v. mij verkeerd toegepast. De FPB spoort niet met de verkorte beoordeling. Het managementsargument is niet opgepakt terwijl de functionaris de afdelingsproblemen kende. De functionaris werkt mee aan het dienstbevel voor de taakomschrijving. Van het functioneringsgesprek van 6 april 1990 is geen verslag gemaakt. Daaraan ontleende de functionaris wel een bizarre beschuldiging van werkweigeren, zulks in strijd met procedures rondom functioneringsgesprekken en gangbare begrippen van werkweigeren. Zowel bij de bezwarencommissie als bij de rechtbank verschijnt de verkeerde FIF tussen de stukken. De verklaring van de statistisch medewerker t.a.v. de verplaatsing zit niet bij de processtukken terwijl D daar wel over beschikt. De functionaris notuleert slecht en biedt gespreksnotulen niet ter contrasignering aan.

 

 

 

De beschuldiging van "werkweigeren" en het tegenhouden van de publicatie zijn vervolgens nader te behandelen.
 


 Verder      Terug     Bezwaar     Begin van de brief          Begin van het boek          Afkortingen