Aan de Commissie voor Medisch Ethische Vraagstukken
De secretaris mw. dr. S. van de Vathorst.
Faculteit der Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen
Kamer EE 2051 A, Postbus 1738, 3000 DR Rotterdam

Betreft: Een denkelijk medisch ethisch vraagstuk                                               4 maart 2004
 
 
 
 
 
 

Geachte commissie,

Ik ben sinds maart 2002 aangesteld als wetenschappelijk onderzoeker bij het Erasmus MC afdeling MGZ in het kader van een Europees project omtrent de kosten-effectiviteit van het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker.

In het sollicitatiegesprek destijds heb ik aangegeven dat er ten aanzien van de wetenschappelijke ethiek nog een kwestie liep vanuit een ‘vorige betrekking’ bij het Centraal Planbureau (CPB). Ik gebruik hier aanhalingstekens omdat ik nog altijd hoop dat de kwestie ongedaan kan worden gemaakt. De kwestie was gelukkig geen belemmering om me bij MGZ te kunnen aanstellen waarvoor ik MGZ nog steeds zeer erkentelijk ben.

Nu ik me deze laatste paar jaar expliciet met aspecten van de volksgezondheid heb beziggehouden is bij me de vraag sterker geworden naar de medisch ethische relevantie van die wetenschappelijk ethische kwestie. Gaarne had ik de kwestie gescheiden gehouden van mijn positie bij MGZ. De vraag naar de medisch ethische relevantie is echter gegroeid, terwijl er zich geen oplossing aandient vanuit andere wegen. Derhalve neemt ook de aanleiding toe om de kwestie direct voor te leggen aan de medische gemeenschap

Laat ik eerst samenvatten wat de kwestie behelst en vervolgens formuleren wat mijns inziens voor u relevant lijkt te zijn.

(1) De kwestie is in 1989 op het CPB ontstaan na de val van de Berlijnse Muur. Duidelijk was dat dit nogal wat maatschappelijke en economische gevolgen kon hebben. Een scala van risico’s liet zich vermoeden. Voor de maatschappelijke orde is werkloosheid een belangrijke factor. Er zijn bijv. de gevallen van wanhoop getriggered door werkloosheid, in casu voor mensen in het oost-blok die daar niet aan gewend waren. Inderdaad heeft onderzoek van professor Zimmermann recentelijk aangetoond dat de sterfte in bijv. Oost-Duitsland een abnormale toename heeft laten zien, vanzelfsprekend door diverse oorzaken.

In 1990 heb ik daar op het CPB mijn analyse uitgebreid naar de meer algemene problematiek rondom het functioneren van de democratie volgens het concept van de Trias Politica van Montesquieu en de rol daarin van economische wetenschap. Dit betreft ook niet slechts Nederland, maar het constitutionele model van de democratie. Voor de goede orde merk ik op dat de economische wetenschap ruimer is dan wat velen denken, en dat dit vraagstuk inderdaad kan behoren tot de competentie van die wetenschap. Zie eventueel Van Dale onder ‘staathuishoudkunde’ (Engels ‘Political Economy’).

Ik voeg een exemplaar toe van mijn boekje samen met Hans Hulst, "De ontketende kiezer", Rozenberg publishers 2003. Dit geeft een geactualiseerd overzicht van mijn analyse ten behoeve van het grotere publiek. Gangbaar hanteer ik het voorbeeld van de werkloosheid omdat ik hier kan aantonen dat de huidige suboptimale besluitvormingsstructuur hoge kosten met zich meebrengt. Mutatis mutandis laat zich zulks veronderstellen voor andere terreinen, zoals milieu, migratie, onderwijs, gezondheidszorg, en dergelijke.

De directie van het CPB stond niet toe dat mijn analyse daar besproken werd. Dit lijkt me in de eerste plaats censuur van de wetenschap.

Het is een slepende zaak geworden. Recent, op 7 januari 2004, nam de directie van het CPB wederom een aantal afwijzende besluiten. Op 2 maart 2004 heb ik de gronden ingediend voor mijn bezwaar daarop. Ik kan dit bezwaar als bijlage toevoegen want het is zo geschreven dat een lezer ook enig inzicht kan krijgen in het slepende karakter van de zaak. Ik kan u eventueel ook een kopie geven van de brief van de CPB-directie, maar die is nogal juridisch gesteld en weinig toegankelijk. Ik zie vooral stagnatie en heb weinig hoop op een adequate oplossing.

(2) De kwestie lijkt ook medisch ethische aspecten te hebben. Ik ben geen medicus maar misschien kunt u hier met me meedenken.

Mijn suggestie is dat we deze vragen eens bespreken.

Ik zou de kwestie van de censuur door de directie van het CPB graag onderzocht zien door onafhankelijke wetenschappers, bijvoorbeeld in de context van de KNAW. Tot op heden is zoiets niet gelukt. Vrijwel ieder die ik hierover aanspreek zegt zich niet te willen bemoeien met wat de directie van het CPB voorstelt als slechts een arbeidsrechtelijk probleem, alsof het ondenkbaar is dat er op het CPB een kwestie rondom de wetenschappelijke integriteit zou kunnen bestaan en dat er daar geen adequate voorzieningen zijn om dat te behandelen. Naar mijn indruk is het probleem vooral dat men mij niet serieus neemt. Wellicht wilt u mij wel serieus nemen ? Misschien is het een suggestie eens te spreken met Richard Gill (wiskundige statistiek UU) die mijn verzoek aan de KNAW wel ondersteunt ? Een concrete vraag die ik u kan stellen is of u ook tot zo’n ondersteuning wilt overgaan.

Met vriendelijke groet,
 
 

Thomas Colignatus / Thomas Cool

http://thomascool.eu
 
Dept. of Public Health
Erasmus MC
University Medical Center Rotterdam
P.O. Box 1738 
3000 DR Rotterdam 
The Netherlands 
- / - Visiting address
Instituut Maatschappelijke Gezondheidszorg
Erasmus MC
Universitair Medisch Centrum Rotterdam
Dr. Molewaterplein 50
3015 GE Rotterdam
Room Ee 2016