Zalm is niet geschikt als premier

 

Bij een Amerikaanse huwelijksplechtigheid is er altijd een moment waarop het publiek gevraagd wordt of iemand bezwaren heeft. Het huwelijk is een persoonlijke zaak, maar mensen zijn ook ingebed in een sociale omgeving, en een huwelijk wordt daarom gangbaar publiek voltrokken en slechts bij uitzondering in een klein kapelletje apart. De omgeving heeft het recht maar ook de plicht tot spreken, en wanneer dit prudent gebeurt wordt het spreken ook gerespecteerd. In de film ‘Four weddings and a funeral’ is het zelfs het doodstomme broertje dat bezwaar aantekent, hij krijgt daartoe alle ruimte, en uiteindelijk leidt zijn interventie tot een ‘happy end’ (hoewel de bruid boos uit beeld verdwijnt). Excuses dat ik deze wending in het plot verraad, maar hopelijk mag zoiets voor zo’n al wat oudere film.

Gerrit Zalm heeft zich namens de VVD kandidaat gesteld voor het premierschap. Dit is als zodanig een politieke keuze van de VVD en uiteindelijk van de kiezers, waarover het mij als wetenschapper past te zwijgen. Het gaat mij nu echter om iets anders, namelijk dat Zalm überhaupt niet geschikt is. Natuurlijk kan men een beslissing over geschiktheid ook een politiek oordeel achten omdat in overkoepelende zin toch gekozen moet worden, maar zo’n oordeel is toch van een andere aard, want overstijgt de partijpolitiek. In het verkiezingsdebat worden allerlei politieke aspecten aangeroerd, maar dit punt komt niet aan de orde. Terwijl dit het probleem is.

Ik voel me in deze kwestie als zo’n doofstom broertje. Als wetenschapper ervaar ik de plicht tot spreken maar in het maatschappelijk debat ben ik nogal gehandicapt. Menigeen zou mij van eigenbelang en vooringenomenheid kunnen verdenken zodra men hoort wat er speelt. Als directeur van het Centraal Planbureau verplaatste Zalm mij, wetenschappelijk medewerker en econometrist van het CPB, in 1990 naar een kamer apart. Een artikel waarvan ik de publicatiegang voorstelde mocht niet intern besproken worden. Daarop heb ik de minister verzocht de directie te schorsen en een onderzoek in te stellen. Dit gebeurde niet, en in 1991 werd ik ontslagen. De rechter veroordeelde de verplaatsing als ‘détournement de pouvoir’ maar liet het ontslag in stand, en hieromtrent lopen nog steeds procedures. Ik protesteer tegen de breidel van de wetenschap en de dwalingen van het recht. Er zijn parallellen met kwesties als van De Kwaadsteniet, Van Buitenen en Fred Spijkers. Inmiddels bestaat er een Commissie Integriteit Rijksoverheid (CIR), maar die wijst een melding van me af omdat ik inmiddels ontslagen ben (ook al lopen nog procedures).

In genoemde film had het doofstomme broertje slechts een fysieke handicap, en hij werd niet onmiddellijk verdacht van eigenbelang en vooringenomenheid. Films houden het vaak simpel, en de werkelijkheid is complexer. Toch is er ook bij mij geen sprake van misplaatst eigenbelang of vooringenomenheid. Voor mij gelden wetenschappelijke waarden en normen. Mijn hoop is aldus dat we naar de argumenten kunnen kijken. Overigens is een verdenking van eigenbelang en vooringenomenheid überhaupt een ad hominem argument, dus slechts van rhetorische betekenis en weinig relevant, omdat men toch altijd de argumenten moet langslopen. Dus, niet alleen de fans van Zalm maar ook zijn politieke opponenten die hem nu als geschikt behandelen doen er goed aan de argumenten serieus te nemen.

Inmiddels heb ik zo’n 500 woorden gebruikt om het probleem te schetsen. Zou ik minder woorden gebruiken, dan zou de nuance verdwijnen en zou de gedachte weggewuifd worden. Waar kranten een bespreking van minder dan 800 woorden verlangen, is er geen ruimte meer om de argumenten uit te werken. Wederom verwijs ik naar mijn advies tot een parlementaire enquête naar de al decennia voortdurende massale werkloosheid - met ook verborgen werkloosheid in de WAO - en de rol daarbij van de voorbereiding van het economisch beleid en met name de rol van het Centraal Planbureau. Dit probleem is op zich veel groter, en de betekenis van Gerrit Zalm is ook maar een afgeleide daarin. Als wetenschapper spreekt het mij meer aan om dit algemene probleem te stellen, hetgeen voor het economisch beleid ook het echte probleem is. Echter, nu Zalm zich kandidaat stelt voor het premierschap en een succesvol Curriculum Vitae claimt, lijkt het me wel nuttig op te merken dat die claim ook verworpen kan worden.

Dat menigeen denkt dat Paars en Zalm het goed hebben gedaan, komt natuurlijk ook doordat al deze jaren de wetenschap is gebreideld. Voor goede maatschappelijke informatie zou de overheid met die breidel moeten ophouden. Dat houdt dus in: bespreking van de gebreidelde notitie op het CPB toestaan zodat ik met eventuele verhelderingen zou kunnen publiceren.

Andermaal lijkt het wijs om ook zo’n ‘doofstom broertje’ serieus te nemen en te respecteren dat er iets gezegd wordt wat op het moment zelf als een zeer onwelkome boodschap ervaren kan worden. Ook de boze bruid kan tot het inzicht komen dat de kwestie nu weliswaar pijnlijk is, maar straks met kinderen & scheiding nog pijnlijker kan worden.

 

Thomas Cool, 1 januari 2003

http://thomascool.eu

 

PS. De titel "Zalm is niet geschikt als premier" zal voor sommigen te stellig klinken. Als wetenschapper past mij terughoudendheid. Een titel "Zalm zal niet geschikt blijken als premier" is neutraler. De verwachting en voorspelling is dat wanneer het inzicht doorbreekt dat Zalm de wetenschap gebreideld heeft, dat dan ook het premierschap afgewezen zal worden. Echter, wanneer zulks de redelijke verwachting is, dan kan reeds geconcludeerd worden dat Zalm niet geschikt is, en is de gegeven titel wel weer adequaat.

PPS. Overigens wordt slechts bij wijze van analogie naar het huwelijk verwezen. Een belangrijk verschilpunt is bijvoorbeeld dat men geacht wordt na de huwelijksvoltrekking te zwijgen, zeker indien men gezwegen heeft maar ook indien men gesproken heeft en geen gehoor heeft gevonden. Voor het protest tegen de breidel van de wetenschap geldt echter dat dit voortdurend uitgesproken moet worden totdat het is opgelost.