Protest tegen breidel van de wetenschap


Ik protesteer tegen de breidel van de wetenschap door de directie van het Centraal Planbureau (CPB). Dit vond in eerste instantie plaats in 1989-1994 onder verantwoordelijkheid van de toenmalige CPB-directeur Gerrit Zalm, de huidige minister van Financiën. Ik heb de Tweede Kamer in 1990 op de hoogte gesteld, en geen reactie ontvangen. Recentelijk, in het geruchtmakende ‘Coquilles St. Jacques’ interview in Volkskrant Magazine van 5 mei 2001, stelt Ad Melkert:

"Neem de besluitvorming rond de WAO in 1991. Het aantal arbeidsongeschikten steeg schrikbarend. Er moest iets gebeuren, maar ik vind dat de manier waarop het ging, anders had gemoeten. Het gebeurde op stel en sprong en ik ben ervan overtuigd dat de ramingen door ambtenaren zijn gepolitiseerd om ministers te dwingen kleur te bekennen. Er werd een atmosfeer van een dwingende noodzaak geschapen door ambtenaren uit de Bermuda-driehoek van Financien, Economische Zaken en het Centraal Planbureau." Bij die WAO-affaire was Zalm dus directeur van dat CPB, en men weet dat hij actieve bemoeienis had met het dossier. Melkert’s interview heeft aandacht gekregen door zijn ‘kritiek op Kok’ en door de ‘persoonlijke spanning’ tussen Melkert en Zalm, met name door de ‘gesel van Financiën’, maar dit punt uit 1991 heeft eigenlijk geen aandacht gekregen. Dit gebrek aan aandacht wekt verbazing, want in wezen meent Melkert dat de Kamer verkeerd is ingelicht - en het is vreemd dat hij dit als Kamerlid niet nader onderzocht heeft. Misschien heeft Melkert ‘gewoon niet gedacht’ aan onderzoek en controle. Anderzijds had ik de Kamer medio 1990 - aldus een jaar vóór de WAO-crisis - een kopie gezonden van het artikel dat Zalm op het CPB breidelde, en was Melkert in wezen dus wel degelijk tijdig geïnformeerd over de problemen bij de sociaal-economische ontwikkeling en de problemen bij de besluitvorming daarover. Onderzoek en controle zijn gevaarlijk voor Melkert omdat zijn eigen performance dan ook onder de loep komt. 

Momenteel zijn zowel Zalm als Melkert kandidaten voor het premierschap. Velen achten hen inderdaad geschikt voor dat hoogste openbare ambt. Als econometrist heb ik bijvoorbeeld zelf ook waardering voor Zalms beleid ten aanzien van met name uitgavenkader, Euro en begrotingsmethodiek. Doch er zijn ook fouten en duidelijke leugens bij het Belastingplan, welke samenhangen met de eerdere breidel. Wat eerst een wetenschappelijk vooroordeel was, is nu echter slechts een politieke visie - afgezien van de leugens dan. Een dergelijke afweging van pro’s en contra’s omtrent een bewindspersoon voert echter te ver zolang alle informatie nog niet boven water is. Uiteindelijk zal de beslissing over het premierschap een democratische zijn en als zodanig te respecteren, maar die beslissing wordt ook dubieus wanneer velen nog onvoldoende geïnformeerd zijn over de breidel van de wetenschap door Zalm, en de uiteindelijke medeverantwoordelijk van Melkert door het achterwege laten van onderzoek en controle. 

Het premierschap is een belangrijke post, en het lijkt dan toch ook van belang dat die informatie beschikbaar komt. Bedacht moet worden dat de materie ook complex is. Een commissie van wetenschappers heeft reeds één aspect onderzocht, en is inderdaad tot kritiek op de directie van het CPB gekomen - maar dit rapport vergt al een krantenpagina en is nog maar het topje van de ijsberg. Gezien de complexiteit van de materie kan ik krantenredacties slechts adviseren er onderzoeksteams op te zetten zoals destijds met Watergate of de eigen Nederlandse parlementaire enquêtes.

Er zijn drie redenen voor zo’n complexiteit. Ten eerste hoe de breidel precies is verlopen. Dat deze op complexere wijze heeft plaatsgevonden, maakt het voor anderen moeilijker om te reageren. Ten tweede is er de reactie van de omgeving. Melkert heeft niet gereageerd, en dat is op zich een belangrijke constatering. Maar ook anderen hebben niet gereageerd. De situatie geeft aanleiding tot een vertrouwenscrisis, waarin kiezers niet meer kunnen vertrouwen op uitspraken van politici of anderen in het publieke domein. Bijvoorbeeld zet ook de huidige directie van het CPB de breidel gewoon voort, op de automatische piloot en zonder kritische reflectie, en men wordt daardoor medeplichtig en onbetrouwbaar. Ten derde is er het gevolg van de breidel en het gebrek aan onderzoek en controle. Dat gevolg bestaat uit het langer voortduren van de problemen rond werkloosheid (en WAO etc. met zijn verborgen werkloosheid). Deze werkloosheid komt namelijk niet door technologie of concurrentie van lage lonen landen, maar slechts door verkeerd bestuur. Een uitleg voor het grotere publiek is door Hans Hulst en Auke Hulst m.m.v. ondergetekende, "Werkloosheid en armoede, de oplossing die werkt", Thesis Publishers 1998. Wetenschappers verwijs ik naar mijn website http://thomascool.eu.

In 1990 kwam ik als wetenschappelijk medewerker en econometrist van het Centraal Planbureau tot de conclusie dat een parlementaire enquête naar de voorbereiding van het economisch beleid aan te bevelen was om het probleem van de werkloosheid (en WAO etc.) op te lossen. Helaas mocht mijn artikel niet besproken worden, en deze breidel werd een extra argument om tot zo’n parlementaire enquête te adviseren. Inmiddels in 2001 aangeland, kan ik eraan toevoegen dat zo’n enquête ook is aan te bevelen ten behoeve van het herstel van maatschappelijk vertrouwen. Voor de democratie geldt: hoe eerder hoe beter. En er valt vervolgens niet goed in te zien dat Zalm en Melkert dan nog in de politiek actief zouden kunnen blijven. Maar misschien is het realistischer dat is te wachten tot de nieuwe premier is benoemd, voordat een nieuwe oppositie tot het besef komt dat zo’n enquête nuttig is. In dat geval zal het maatschappelijk vertrouwen wel weer eerst een dieptepunt bereiken, en dat zou toch jammer zijn.

Thomas Cool, econometrist
http://thomascool.eu
8 November 2001
Uitgebreid protest tegen de breidel