Zwarte Pieten: van debat naar dialoog

Thomas Cool
6 November 2013

In het Grote Zwarte Piet Debat van Joop.nl benadrukte gespreksleider Francisco van Jole dat hij de dialoog zocht, maar helaas hadden hij en de redactie van Joop.nl twee geharnaste opponenten tegenover elkaar geplaatst, namelijk Quinsy Gario en Han van der Horst, waardoor die dialoog dus niet op gang kwam. Wat kan er gedaan worden om die gewenste dialoog alsnog tot stand te brengen ?

Hieronder wil ik enkele intoleranties benoemen die zowel Quinsy Gario als Han van der Horst tonen. Willen we van debat naar dialoog komen dan is het nuttig die intoleranties haarscherp aan te geven, want het is belangrijk generalisaties te vermijden. Voordat ik die intoleraties benoem wil ik eerst aandacht geven aan geschiedenis en taalgebruik.

Een belangrijk punt is historische zuiverheid. Zwarte Piet is een verschijnsel uit de oertijd en symboliseert de geesten van de duisternis die de zon bedreigen wanneer die met midwinter op zijn laagste stand komt te staan. Met veel lawaai en magisch gedoe moeten die geesten weggejaagd worden. Arnold-Jan Scheer heeft hierover een vermakelijk filmpje op YouTube geplaatst. Eerder verscheen al het boek van Tonny van Renterghem, Het geheim van Sinterklaas en de Kerstman, Kosmos 1996. Vroeger was het Wodan die op zijn paard door de lucht reed om de zon te redden. Een andere variant is Vadertje Tijd. De voorloper van Sinterklaas was ook een shamaan voor de vruchtbaarheid der gewassen en die de vrouwen opjoeg. De katholieke kerk merkte dat het feest onuitroeibaar was, en om de zaak een beetje onder controle te houden werd er een geestelijke toegevoegd. Pas in de 19e eeuw is Zwarte Piet verder geëvolueerd naar de Moorse page. Door het boek van Jan Schenkman werd de protestantse weerstand tegen een katholieke bisschop overwonnen.

Een belangrijk punt is het taalgebruik. Vroeger hadden we de termen blank en neger, en er was dus niets in de naam Zwarte Piet dat naar negroide herkomst verwees. De term neger lijkt echter op nikker dat tot schelwoord werd , dus in Amerika ging men over op black en in Nederland op zwart, waardoor wel die associatie met Zwarte Piet ontstaat. De blanken in Nederland worden nu ook als witten aangeduid, wat ook weer raar is. In Amerika heeft men inmiddels ook door dat e.e.a. niet zo handig is en spreekt men over African-American zodat ook European-American ontstaat. Een kernvraag voor de Afrikaans-Nederlandse gemeenschap is of men die omschrijving kan accepteren zodat we de termen zwart en wit weer gewoon voor kleuren kunnen gebruiken.

Mijn eigen suggestie uit 1992 is sowieso te spreken over Kinderklaas en Malle Piet, waarbij ook Kinderklazien en Malle Pieternel gebruikt worden, zodat we ook afscheid nemen van religieuse associaties en het mannelijk chauvisme. Bij Zwarte Piet gaat het niet om het uiterlijk maar om het gedrag, waarbij kinderen tegenwoordige niet meer bang worden gemaakt maar juist vermaakt. Wanneer we variatie in kledij en kleuren, strepen en stippen gebruiken, dan evolueert het feest op prettige wijze, en kan ook de rest van de wereld surprises met gedichtjes krijgen. Sommige Malle Pieten kunnen ook zwart zijn, want het is maar een kleur. Alles kan. Wie privé aan de 19e eeuwse vorm van Sinterklaas en Zwarte Piet wil vasthouden kan zijn gang gaan, maar bij georganiseerde feestelijkheden kiest men bij voorkeur voor variatie, en bij toenemend begrip over de gevoeligheden zal de 19e eeuwse vorm gaanderweg een minderheid gaan vormen.

Met dit voorwerk in zuiverheid in geschiedenis en taalgebruik kunnen nu enkele intoleraties bij Quinsy Gario en Han van de Horst benoemd worden.

Voor Quinsy Gario is een pijnpunt dat hij performance artist is die klaarblijkelijk beroepsmatig de zaak op de spits moet drijven om aandacht te krijgen. Zijn kunstproject "Zwarte Piet is racisme" met verstoring van een feestviering is een grove generalisatie en jaagt veel mensen onnodig in het harnas. Bijvoorbeeld wordt op veel scholen met plezier gewerkt aan Kinderklaas en degenen die zich dan als Malle Piet schminken hebben niets racistisch in hun zin. Gario had beter kunnen stellen: "Zwarte Piet komt bij velen racistisch over". Op dat laatste valt niets aan te merken, dat blijkt feitelijk waar te zijn. Op de Joop.nl debat-avond gaven velen moedig aan dat zij zulks zo ervaren. Presley Bergen beschreef zijn ervaring in de Volkskrant 31/10. Zulke ervaringen zijn een goede reden om enkele uiterlijkheden van het feest te veranderen, want het moet een feest zijn en geen pestpartij. Gelukkig maakt Gario onderscheid tussen zijn kunstproject en zijn bezwaar bij de Gemeente Amsterdam, maar hij zou vaker en scherper mogen aangeven of het hem om de inhoud gaat of om een "performance". Uiteindelijk mag Nederland hem ook dankbaar zijn dat hij het onderwerp op de kaart heeft gekregen. De discussie speelt al minstens dertig jaar, mijn eigen bescheiden suggestie uit 1992 heeft al 21 jaar geen aandacht gekregen, en blijkbaar zijn zulke krachtiger protestacties nodig om bij sommigen het kwartje te doen vallen (zoals bijv. te lezen is bij Francisco van Jole en Robert Vuijsje).

Voor Han van der Horst is een pijnpunt dat hij ongevoelig blijkt voor de uitingen van persoonlijke ervaringen. Op de debat-avond hebben tien tot twintig mensen aangegeven dat Zwarte Piet bij hen racistisch overkomt, en Van der Horst reageerde door hen uit te leggen dat zij het verkeerd begrepen. Aan de kwartjes van Van Jole en Vuijsje had hij ook geen boodschap. Zijn geestelijke verdedigingslinie bestaat uit een barrage aan drogredeneringen. Hij pleit voor groter historisch besef, en heeft natuurlijk een punt dat ook Gario die prehistorische oorsprong van Zwarte Piet had mogen benadrukken. Maar zulk besef neemt niet weg dat de huidige 19e eeuwse vorm wel degelijk bij mensen tot die racistische ervaring leidt. Van der Horst bepleit een strengere aanpak van pestgedrag. Maar dan negeert hij dat dit al dertig jaar niet werkt, en hij laat achterwege om te becijferen hoeveel miljoenen de minister van Onderwijs beschikbaar moet stellen om het wel te laten werken. De opmerking van Gario "voorkomen is beter dan genezen" raakt hier de kern.

Van der Horst stelt dat we voetballen ook niet afschaffen omdat er rellen zijn. Hij negeert dan niet alleen dat hier blijkbaar wel de miljoenen beschikbaar worden gesteld om de zaak onder controle te houden. Maar hij negeert ook dat in dat voetbal bewust een competitief element beoogd wordt dat de emoties aanwakkert, terwijl het kinderfeestje niet het doel heeft kinderen competitief tegenover elkaar te stellen.

Een punt van Van der Horst is hierboven al genoemd, namelijk dat Gario’s generalisatie "Zwarte Piet is racisme" contraproductief kan zijn, met nadruk op kan en niet hoeft. Hierin heeft hij volkomen gelijk. Van der Horst wijst terecht op de dynamiek in het maatschappelijk debat. Gario’s generalisatie jaagt mensen het harnas in, zodat welwillenden wegvallen die steun zouden kunnen geven. Hij speelt Geert Wilders in de kaart en maakt een contraproductieve reactie los, waarbij sommigen bewust Zwarte Piet op racistische manier gaan gebruiken omdat dit er nu bij zou horen. We zien Van der Horst’s gelijk hier in de reacties op Anouk. Maar dat gelijk betekent niet dat persoonlijke ervaringen van racisme van geen waarde zijn. Bovendien zag Gario zich blijkbaar tot zijn kunstproject geprovoceerd omdat de Hollandse kaaskoppen op geen andere wijze tot inzicht waren te bewegen. De kwestie speelt al minstens dertig jaar. Als historicus kan Van der Horst vaststellen dat Nederland al dertig jaar geen boodschap heeft aan het kwetsen van kinderen op wat eigenlijk een feest moet zijn.

Het hoofdpunt van Van der Horst is dat Sinterklaas en Zwarte Piet onderdeel uitmaken van de nationale culturele identiteit. Het feest speelt volgens hem vooral in de huiskamer en daar moeten we vanaf blijven. Doen we dat toch dan raken we mensen in hun ziel en kunnen er rare reacties ontstaan. Hij trekt een parallel met de tumba-feesten op de Antillen, wat koloniaal Nederland eeuwenlang heeft proberen te onderdrukken maar dat altijd deel heeft uitgemaakt van de ziel van de Afrikaans-Antilliaanse gemeenschap. Dit argument van Van der Horst is tamelijk warrig. Enerzijds heeft hij gelijk, zoals we zagen dat het feest van Kinderklaas wortels in de prehistorie heeft en de pogingen tot uitroeien door de katholieke kerk heeft weerstaan. Het is volkomen evident dat hier sterke emoties worden geraakt. Anderzijds hebben we gezien dat het feest over de eeuwen en landen heen verschillende vormen heeft gekregen. Het is onwaar dat het vooral in de huiskamer afspeelt, want zie de intochten, schoolbezoeken en het Sinterklaasjournaal, en kijk nog eens naar de volksfeesten op het YouTube filmpje. Wanneer Van der Horst zo die nationale culturele identiteit verkeerd voorstelt dan speelt juist hij onze demagoog Geert Wilders in de kaart.

Kinderklaas en Malle Piet is een prachtig feest dat ook een feest moet blijven. Nederland heeft het achterstallig onderhoud hieraan decennia verwaarloosd. Die verwaarlozing leidde tot het provocerende project van Quinsy Gario dat inspeelt op het verschijnsel dat de media vooral een rel willen zien. Het debat dreigt nu te worden gekaapt door ijzervreters met geharde meningen. Hierboven staan enkele handreikingen hoe we van debat tot dialoog kunnen komen. Ik herhaal mijn suggestie uit 1992 om Kinderklaas en Malle Piet te overwegen. Aardig is dat op de Joop.nl debat-avond enkele andere bezoekers het met me eens waren dat dit een oplossing zou zijn. Het sluit ook precies aan bij de suggestie van burgemeester Van der Laan dat we niet hoeven spreken over afschaffen maar over een evolutie.

Thomas Cool (1954) is econometrist en leraar wiskunde. Hij schrijft SF onder de naam Acapulco Jones. Op de Beneluxconventie voor Science Fiction & Fantasy van 12 november 1992 las hij het verhaal Kinderklaas en de Geheimzinnige Brief voor. Het verhaal heeft jarenlang als PDF op zijn website gestaan. In 2012 is het uitgebracht als het boekje "Kinderklaas en Malle Piet" met de aloude bekende Kinderklaasliedjes en ook de tekeningen van Bauke Muntz uit 1992.

PS 1. Bij de column van Gerard Drosterij staat een reactie waarvan we mogen schrikken: "Wat ik waarneem is dat mensen met een laag zelfbeeld heftig ageren tegen Zwarte Piet. In de psychologie heet dat: externe attributie. De mensen krijgen nare associaties, en wijten dat aan een bron buiten zichzelf. Aannemende dat dit zo juist is gezien, dat zal het duidelijk zijn, dat die mensen met dat lage zelfbeeld zullen blijven zitten na afschaffing van het Sinterklaasfeest. Het lost dus helemaal niets op. En dat is heel ernstig: het betekent dat de politiek zich laat leiden door domheid en dat goede argumentatie taboe is. Dit laat een mentaliteit zien, die weinig toekomstperspectief heeft." Een uiterst curieuze reactie. Hier wordt van een "aanname" een realiteit gemaakt. Wellicht ageren mensen met een laag zelfbeeld zo, maar je kunt niet concluderen dat zo ageren een bewijs is van een laag zelfbeeld. Discrimineren mag niet, maar wel tegen mensen met een laag zelfbeeld ? Het lijkt me dat voorkomen beter is dan genezen, en het wegnemen van het probleem van Zwarte Piet kan bijdragen tot een beter zelfbeeld.

PS 2. Het Parool meldt: "Robert Vuijsje gaat het eerste kinderboek schrijven waarin Zwarte Piet is 'aangepast aan het moderne klimaat'. Dat maakte zijn uitgever Nijgh & Van Ditmar bekend. Het boek heet Alleen Maar Stoute Kinderen en verschijnt in het najaar van 2014.. (...)Eerder pleitte Vuijsje voor het vervangen van Zwarte Piet door een Kleurenpiet.." Ook dit is onzin. Dat eerste boek is er al, zie wellicht mijn Kinderklaas en Malle Piet (1992, 2002) maar ik sluit niet uit dat er voorgangers zijn. De term Kleurenpiet is onhandig want legt weer nadruk op het uiterlijk wat juist niet aan de orde is. Het verbaast me ook dat Robert Vuijsje nu pas met zijn (Afrikaans-Nederlandse) vrouw over het feest praat zodat haar emoties uit de kindertijd nu pas tot uiting komen. Het toont maar weer eens hoe lastig de omgang tussen mensen kan zijn. De (onjuiste) verwijzing naar de slavernij heeft jarenlang in alle kranten gestaan, en nu pas komt Vuijsje ertoe om daar eens goed met zijn vrouw over te praten. Was hij hiervoor op dit punt kortzichtig en insensitief, nu is zijn "Kleurenpiet" wederom op dit punt kortzichtig en insensitief. De man heeft hier een probleem en kan beter over de kwestie zwijgen.

PS 3. We zijn zo in een rare discussie beland. Het zou bijvoorbeeld een betere discussie zijn dat kinderen met Kinderklaas geen dure cadeaux krijgen. Wanneer het ene kind een ipad krijgt en het andere niet, dan kan dat tweede kind gaan denken dat Kinderklaas meent dat het niet lief genoeg is geweest, en dat kan heel wreed zijn.

PS 4. Han van der Horst heeft nader toegelicht waarom de toestand rondom Zwarte Piet hem in het hart raakt. Zijn verdediging: "In een multiculturele samenleving met vloeiende verhoudingen tussen bevolkingsgroepen en meerduidigheid in identiteiten, vindt Zwarte Piet óók zijn niche want voor alles bestaat ruimte." Natuurlijk, Malle Piet kan ook zwart zijn, het is maar een kleur. Maar er is verschil tussen de kwetsende conservatieve niche dat alle Malle Pieten zwart zijn en de echte multiculturele niche dat Pieten allerlei kleuren kunnen hebben waaronder zwart.

PS 5. Quinsy Gario verzet zich tegen de voortdurende "Zwarte Piet en de witte onverschilligheid". De hoofdmoot wordt gevormd door het jennen door PowNews en verslaggever Rutger Castricum. Vorig jaar slaagden deze laatsten er ook in de kwestie op te kloppen tot internationale aandacht. Er bestaat een risico dat de kwestie ontspoort door de relletjes die Gario en Pownews elkaar toespelen. Zie echter hierboven voor het onderliggende gedeeltelijke gelijk.