Een brug mag pas belast worden, als hij zijn eigen gewicht kan dragen 

Bespreking van: Werkloosheid en Armoede, de oplossing die werkt 

 

 
Sinds vier jaar onderhoudt de redactie van dit blad contacten met de derde liberale groepering in ons land, het Sociaal Liberaal Forum en het daaraan verbonden Samuel van Houten Genootschap. Aan themanummers over economie, liberalisme en flexibilisering van de arbeidsmarkt heeft dit genootschap reeds haar bijdrage geleverd. Ook is zij ter sprake gekomen bij de bespreking van Patrick van Schies Paars in Perspectief. De meest recente uitgave van het Samuel van Houten Genootschap is Werkloosheid en Armoede, de oplossing die werkt, geschreven door Hans Hulst en Auke Hulst, met medewerking van Thomas Cool. 

Naast criminaliteit is de bestrijding van de werkloosheid een van de thema's die hoog op de het verlanglijstje staat van de kiezers. Toch slagen politici er maar matig in om meer mensen aan een baan te helpen. In Nederland staan 2 miljoen mensen gedwongen aan de zijlijn. Deze massale werkloosheid zorgt voor een sociaal economische verlamming, leidend tot een sociaal isolement voor de individuele werkloze en een maatschappelijk isolement voor de groep werklozen als geheel. Werkenden en werklozen wonen in verschillende delen van steden, waardoor de kloof tussen die groepen gevoelsmatig en demografisch steeds verder toeneemt. Het gierend uit de hand lopen van de WAO begin negentiger jaren is een van de symptomen van de massawerkloosheid: deze regeling is m.n. in zeventiger jaren massaal gebruikt om werklozen in te parkeren, met alle gevolgen voor de betaalbaarheid van dien. 

 

Nepbanen als pijnstiller 

Veel van de maatregelen die de politiek neemt tegen de werkloosheid - zoals de Jeugd Werk Garantiewet - zijn niet meer dan een pijnstiller als middel tegen een zeer ernstige ziekte. De oorzaak wordt er niet door aangepakt, maar de symptomen worden tijdelijk even verzacht. Een van de bekendste pijnstillers is de Melkert-baan die - ondanks alle nobele bedoelingen - maar weinig resultaat oplevert (nog afgezien van de helse bureaucratie waarmee dit banenplan gepaard gaat). Projecten van de FNV sneuvelen door de concurrentie met de Melkertbanen en een deel van deze banen wordt ingevuld met banenpoolers (waardoor er niet meer mensen werk krijgen, maar mensen van het ene naar het andere banenplan gesluisd worden). 

 

Armoede 

Armoede en werkgelegenheid zijn nauw met elkaar verbonden. Armoede wordt in dit boek gedefinieerd als 

"een tocht langs de afgrond. Steeds bestaat de kans dat er onverwachte uitgaven gedaan moeten worden, voortdurend worden de dagen geteld tussen de ontvangst van de bijstandsuitkering en de noodzaak tot betalen voor voedsel, kleding of huur. Voor velen is dit demoraliserend: ook al doe je nog zo je best, steeds opnieuw kom je in de problemen. Armoede is een samenspel van meerdere problemen tegelijk - beperkte financiële middelen, langdurige bestaansonzekerheid, een onzeker toekomstperspectief - die met haar ijzeren houdgreep langzaam maar zeker alle hoop en leven uit een mens kan wringen."  De groep aan de onderkant redt het niet op eigen kracht uit de problemen te komen en raakt gevangen in een vicieuze cirkel van werkloosheid, onvoldoende scholing, gezondheidsproblemen etc. 

De armoede in Nederland is niet zo fysiek als in Afrika, maar eerder sociaal-psychologisch: mensen aan de onderkant leven in maatschappelijke isolatie en zijn afhankelijk van allerlei voorziening. (1) Daarnaast wijst onderzoek uit dat mensen met een laag inkomen veel korter leven en twaalf jaar langer dan anderen in een slechte gezondheid verkeren. 

De gevolgen van armoede in Nederland zijn deel terug te vinden in criminaliteit, normvervaging, druggebruik en psychologische problemen voor de groep die erdoor getroffen wordt. Deze groep mensen krijgt het gevoel een 'loser' te zijn, die niet meer meetelt en dus sterk in haar eigenwaarde geraakt is. 

 

Cijferzwendel en verborgen werkloosheid  

Door nieuwe berekenmethoden van het Centraal Bureau voor de Statistiek is in 1988 het aantal werklozen sterk 'gedaald': een deel van de feitelijke werklozen valt niet meer binnen de groep werklozen zoals gedefinieerd door het CPB . Door deze verandering van definitie heeft een groep van 270.000 'plotseling een baan'. Andere verborgen werkloosheid betreft de wegsluizing naar de AAW en de WAO. 

Werkloosheid manifesteert zich het sterkst aan de onderkant van de arbeidsmarkt waar de te hoge lastendruk zich relatief het sterkst laat gelden. Mensen met een lage opleiding hebben een grotere kans op werkloosheid dan mensen met een hogere. Een van de eerste rapporten die ingaat op de oorzaak van de Nederlandse ziekte is dat van Kolnaar, waarin gesteld wordt dat de kosten van een minimumloner lang niet altijd opwegen tegen de productiviteit die hij kan leveren. 

 

Het kromme spatbord 

Het bedrag dat mensen nodig hebben om zichzelf te kunnen bedruipen is ongeveer 21 duizend gulden. Voor een werkgever kost een werknemer echter 36 duizend gulden, omdat bovenop het netto-salaris ook nog eens belastingen en premies komen. Was een werknemer voor 21 duizend nog wel rendabel voor een werkgever, voor 36 is hij dat niet meer en wordt hij gedwongen plaats te nemen op de reservebank. Deze werknemer had zichzelf kunnen bedruipen als aan de onderkant van de arbeidsmarkt de belasting veel lager was, nu kost hij echter alleen maar belastinggeld (namelijk datgene wat nodig is om zijn uitkering te betalen). Deze belastingen werken als een kromgebogen spatbord. De hoge belastingen remmen de werkgelegenheid. Verlaag je de belastingen aan de onderkant, dan zorgt dit rechtbuigen van het spatbord ervoor dat de werkgelegenheid weer zal stijgen. 

 

Belastingvacuüm 

Het OESO-beleid (en daarmee ook het Nederlandse) beleid houdt in dat hoge marginale tarieven funest zijn voor de economie. Dus wordt er gestreefd naar het afnemen van de belastingprogres- sie. Het nadeel hiervan is dat de belastingvrije voet veel te laag is. Deze voet zou moeten worden opgetrokken tot het bestaansminimum, zodat mensen pas belasting gaan betalen als ze in hun eigen levensonderhoud kunnen voorzien. Politieke discussies over de wig concentreren zich op de verkeerde wig: het dient niet om de marginale maar om de gemiddelde wig te gaan, en dan met name aan de onderkant. 

Het belastingvacuüm is het gebied tussen het bestaansminimum en het bruto-minimumloon; het gebied waarin niemand i.v.m. de wet op het minimumloon mag werken. In dit gebied hebben belastingen feitelijk geen functie. In het vacuüm worden geen belastingen betaald. Bij het opruimen van het vacuüm is het risico van derving van belastinginkomsten derhalve nihil. 

"Het voordeel van de huidige inefficiënte situatie is evident: er kan gratis winst behaald worden. Een beleid dat er op gericht is om het vacuüm op te heffen heeft dus de nodige speelruimte. Specifieke maatregelen aan de onderkant hoeven dus niets te kosten." Door het belastingvacuüm op te heffen worden productiviteit en salaris weer in evenwicht gebracht, zodat mensen een baan in plaats van een uitkering kunnen krijgen. Het doel van het voorstel is niet om aan het netto-minimumloon te tornen of mensen een onderbetaalde baan in te drukken, maar om zowel werknemers en werkgevers pas te belasten op loon vanaf een hoogte waarbij dat zinvol is. 

 

Centraal Plan Bureau en beleidsverstarring  

Het Centraal Plan Bureau (CPB) heeft het monopolie op economische adviezen en berekenin- gen, terwijl deze organisatie verre van optimaal functioneert. De monopoliepositie leidt tot onvoldoende zelfkritiek en weinig vernieuwende visies. Het CPB, dat overheid en politieke partijen adviseert, heeft met haar analyses ver naast de waarheid gezeten inzake de WAO en wachtgeldproblematiek. Ook en vooral op het gebied van de werkloosheid treft het CPB blaam. Vernieuwende visies van werknemers in de organisatie werden tegengehouden, te groffe en verouderde modellen werden gehanteerd en bij het CPB is de verkeerde opvatting gegroeid dat de werkloosheid permanent is. 

Voorgesteld wordt om het CPB los te koppelen van het ministerie waaraan het momenteel geacht wordt zich loyaal op te stellen, en van deze instelling een onafhankelijk economisch hof te maken dat tot taak heeft rijksbegrotingen te controleren op economische gezondheid. 

"Het verschuiven van enige macht van de politieke kaste naar een Economisch Hof is niet nodig omdat politici geen verstand van economie zouden kunnen hebben, maar omdat een evenwich- tiger verdeling van macht te verkrijgen. Hier is de democratie juist bij gebaat; de kwaliteit van checks and balances wordt vergroot. Bovendien is het volstrekt in overeenstemming met het basisrecht op goed bestuur en de beschikbaarheid van informatie." 

 

Afsluitend 

Het boek gaat uitgebreid in op andere thema's, die ook in Liberté Egalité Fraternité zijn besproken. Zo passeren het basisinkomen en de vlak-taks de revu. Een groei in de werkloosheid zal positieve effecten hebben op veiligheid, werk in onderwijs en verzorging en meer kansen voor beginnende ondernemers. 

Dit boek is van groot belang, een absolute must voor sociaal en klassiek liberalen. Sterker nog, het behoort tot de noodzakelijke literatuur van iedereen - ongeacht zijn politieke kleur - die zich met het werkgelegenheidsvraagstuk bezighoudt. 

 

Cedric P. Stalpers 

Hoofdredacteur LEF (Liberté Egalité Fraternité) - blad van de JOVD 

 

 

Werkloosheid en Armoede, de oplossing die werkt 
Auke Hulst, Hans Hulst en Thomas Cool 
Thesis Publishers, Amsterdam, 1998 
ISBN: 90 5170 477 X 

 
 

Voetnoot 

(1) In een Tilburgs onderzoek naar de tevredenheid van jongeren over gemeentelijke instellingen en voorzieningen kwam naar voren dat zowel arbeidsbureau als de sociale dienst zeer beneden de maat scoorden, werklozen behandelden als potentiële fraudeurs en onvoldoende deden om jongeren aan een baan te helpen.