overzicht

 

Volgens het programmaboekje: Jullie zijn allemaal gek


Thomas Colignatus, 19 Juni 2013
 

Afgelopen 10 juni was er de bijeenkomst Bessensap 2013, de jaarlijkse congresdag "Wetenschap ontmoet pers", waarin wetenschappers in contact komen met journalisten en waarin journalisten kunnen uitleggen hoe je een pakkend persbericht schrijft. De dag wordt georganiseerd door de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) samen met de Vereniging van Wetenschapsjournalisten Nederland (VWN) en de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ), een vakbond van de FNV. Aan het eind van de congresdag kende NWO aan drie wetenschappers de Spinoza-prijs toe, van ieder 2,5 miljoen euro om te besteden aan onderzoek naar eigen keuze.

Al in februari / maart kunnen wetenschappers hun mogelijke presentaties indienen. Een jury selecteert welke inzendingen interessant genoeg zijn om inderdaad te doen, met 10 minuten presentatie door de wetenschapper en 10 minuten discussie met toehoorders. Niet-geselecteerde inzendingen kunnen toch in het programmaboekje worden opgenomen, zodat journalisten eventueel alsnog contact kunnen opnemen.

Mijn inzending was "Jullie zijn allemaal gek", en staat in het programmaboekje op pagina LXIII, zie ook hier met links. Mijn inzending was niet geselecteerd dus er was geen discussie met een zaaltje maar het was aardig dat ik in de wandelgangen en pauzes de tekst kon aanwijzen en aan journalisten kon vragen wat men ervan dacht.

Er was niemand die reageerde met "Ben je er ook achter ?!" of "We zijn erbij." De gangbare reactie was eerst "leuke titel" en daarna "het zal wel". 

Voor de duidelijkheid: Ik ben voorzichtig met zeggen dat heel Nederland gek is. Wellicht zouden velen zo’n conclusie omarmen maar wie dit beweert laadt snel de verdenking op zich het zelf te zijn. Dat is communicatief onhandig, zoveel begrijp ik ook wel. Ik houd rekening met de mogelijkheid dat de conclusie voor heel Nederland geldt maar de presentatie richt zich op de journalisten. De tekst luidt:

"Als econometrist en wetenschappelijk medewerker op het Centraal Planbureau (1982-1991) ontwikkelde ik een analyse over de werkloosheid. Deze analyse werd tegengehouden van bespreking en publicatiegang. Dit is censuur van de wetenschap. De analyse is ook van belang voor de huidige crisis. Verstandige (niet-gekke) mensen zouden ingrijpen maar dat doet Nederland niet.

De presentatie is interessant voor de interne kwaliteitsbewaking bij de media, en ook om het onderwerp zelf. T.a.v. de kwaliteitsbewaking geldt dat er blijkbaar een kloof is tussen redacties wetenschap en redacties economie. Terwijl een wetenschapsjournalist over censuur van de wetenschap zou rapporteren weigeren journalisten economie dat te doen. Verstandige (niet-gekke) journalisten zouden de analyse en situatie bestuderen maar het gebeurt niet. Journalisten economie zagen de crisis niet aankomen, erkennen hun falen niet, en schrijven niet over mijn advies tot ontslag van de hoogleraren economie en boycott van Nederland tot de censuur is opgelost. Journalisten met beta-kennis denken wellicht dat journalisten economie goed werk leveren, en zijn dan net zo gek als hun collegae economie. T.a.v. het onderwerp zelf kunnen journalisten gaan rapporteren over de aanpak van de werkloosheid, hoe belastingen verbeterd kunnen worden, bijv. met een BTW van 1%, en hoe de crisis in Europa kan worden aangepakt."

Voor krantenlezers en tv-kijkers is het nuttig te weten dat niet alleen de hoogleraren economie maar ook de journalisten falen bij de huidige immense Europese crisis. Om zaken in perspectief te zien kunnen we kijken naar de jaren ’30 van de vorige eeuw. Toen was er de Grote Depressie, en Keynes (geen hoogleraar) in Engeland en Tinbergen (CBS en sinds 1933 buitengewoon hoogleraar statistiek aan de Handelshogeschool) in Nederland deden voorstellen om de werkloosheid aan te pakken. Zij werden pas gehoord toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak. De personen die niet wilden luisteren verloren hun gezag en posities en werden vervangen door krachtdadiger figuren. De werkloosheid verdween als sneeuw voor de zon, de economische analyses van Keynes & Tinbergen werden bevestigd, de oorlog gewonnen, en de grondslag gelegd voor de huidige welvaart. We herkennen het mechanisme van niet-luisteren en we zien het enorme menselijk leed dat dit veroorzaakt.

Journalisten anno 2013 zullen zich verdedigen met "je hebt geen pakkend persbericht" maar de beste analyse is dat ze gekken zijn die de media met hun waanzin volkletsen. Ze weten het beter dan een wetenschapper met een nieuwe analyse ook al hebben ze er niet voor gestudeerd. Ze geloven dat censuur alleen bij diktaturen voorkomt. Iets is ook alleen maar nieuws als het nieuwswaardig is, en wat nieuwswaardig is maakt de journalist zelf uit. Zo’n Bernard Connolly die bij de EU werkte, tegen de euro waarschuwde, en het boek "The rotten heart of Europe" schreef, is voor hen een ambtenaar die had moeten zwijgen om zijn baan te behouden. Wat hier gebeurde is geen argument om mensen te waarschuwen dat je nooit soevereiniteit aan zo’n EU moet overdragen, en het is zeker geen aanleiding tot een kritische vraag aan Mark Rutte of Diederik Samsom of de eurofiele Alexander Pechtold.

Ferry Mingelen is onder journalisten een held omdat hij in strijd met zijn baas nog een jaar langer wil doorwerken om de toffe jongen uit te hangen. De andere journalisten weigeren dus in te zien dat Ferry hen sinds 1990 waanzin heeft zitten verkopen. Leugens over doping komen eerst niet voor, en daarna alleen in de wielersport, en leugens over de euro en de belastingen en het loonmatigingsbeleid en de wetenschappelijke inzichten daaromtrent komen helemaal niet voor, en zeker niet in Den Haag waar Ferry over rapporteert. Zijn specialisme is wat in de politiek gebeurt, dus val hem niet lastig met economie of wetenschap, dat zijn weer andere collega’s, in hun lappendeken van hun opgeknipte waanzin.

Gelukkig werd aan het eind van de congresdag sterker spul geschonken dan bessensap. Dat verlangen naar een gratis drankje begrijp ik wel van ze, zo gek is dat niet.